
Drie dagen lang raap je een slijmerige, zuur ruikende 'koeienvlaai' uit het gras, daarna draait je hond ineens vier dagen keurige drollen en net als je opgelucht ademhaalt, begint het circus opnieuw. Die moedeloos makende knipperlicht-diarree is hét handelsmerk van Giardia duodenalis, een hardnekkige eencellige darmparasiet in de dunne darm. Voor een fitte volwassen hond die verder vrolijk eet en drinkt is het geen acute spoed; bij een jonge pup die sloom wordt, blijft braken of snel uitdroogt bel je wél dezelfde dag de dierenarts.
Wat is Giardia precies (en waarom helpt een gewone wormenpil niet)?
Een standaard eendaags ontwormingstabletje pakt alleen wormen aan en doet niets tegen Giardia. Giardia duodenalis (ook bekend als Giardia lamblia of Giardia intestinalis) is namelijk een microscopisch klein, eencellig oerdiertje (protozo) met twee levensstadia. In de dunne darm leeft de actieve vorm: de trofozoïet. Dat peervormige diertje zwemt met zweepstaartjes rond, hecht zich met een zuignapje vast aan het darmslijmvlies en deelt zich razendsnel. Schuiven die trofozoïeten met de darminhoud mee richting de uitgang, dan kapselen ze zich in een keiharde beschermende schil in: de cysten.
De actieve darmvorm sterft buiten het lichaam direct af, maar de uitgepoepte cysten zijn meteen besmettelijk en in koud, nat weer bijna onverwoestbaar. In regenplassen, modder en nat gras onder de 10 graden overleven ze tot wel drie maanden. Eén slok uit een vieze plas, snuffelen aan besmet gras of thuis de natte poten aflikken is al genoeg: vijf tot tien ingeslikte cysten kunnen bij een gevoelige hond een nieuwe infectie starten.
Hoe herken je Giardia-ontlasting in de praktijk?
Vijftien tot zestien procent van de gezonde Nederlandse huishonden draagt Giardia bij zich zonder klachten. Bij pups onder de zes maanden, honden uit een pension of asiel en dieren met minder weerstand slaat de parasiet wél toe. Vijf tot zestien dagen na besmetting raken de fijne darmvlokken beschadigd en zie je dit patroon:
- Het 'knipperlicht'-verloop: na een paar dagen spuitpoep of slappe brij lijkt de ontlasting weer stevig, waarna het enkele dagen later weer mis is.
- Brijige 'koeienvlaai' met slijm: de poep heeft de dikte van vla, is bleek, okergeel of groenig, vettig door verstoorde vetvertering en bedekt met slijm of wat vers bloed.
- Weeïge, zure geur en rommelende buik: die indringende zure stank vergeet je niet snel. Veel pups blijven vrolijk en hongerig, maar hebben last van winderigheid, buikpijn en borrelende darmen, een doffe vacht en stilstaande groei.
Het 3-daags verzamelmonster: SNAP-sneltest versus flottatie
Houdt die wisselende diarree bij je hond aan, ga dan niet met één los poepzakje naar het spreekuur. Vanaf een week na besmetting scheidt een hond met tussenpozen cysten uit, waardoor één enkel monster zomaar schoon kan lijken. Schep daarom drie opeenvolgende dagen telkens een beetje ontlasting in een verzamelbuisje en bewaar dat in de koelkast voor de dierenarts.
De praktijk kan dat driedaagse mengmonster op twee manieren testen:
- ELISA-antigeensneltest (SNAP-test): spoort binnen een kwartier een specifiek eiwit van de cystewand (het GSA65-antigeen) op. Ideaal voor een eerste diagnose, maar verraderlijk bij nacontrole: ook als alle parasieten dood zijn, poept je hond nog wekenlang dode eiwitresten van oude cystewanden uit. Te vroeg hertesten geeft daardoor vaak een fout-positieve uitslag.
- Microscopische flottatietest (CSF): na centrifugeren kijkt het laboratorium of de dierenarts onder de microscoop naar intacte, levende cysten. Volgens de richtlijn van de Universiteit Utrecht heeft deze methode de voorkeur bij nacontroles en spoort de test meteen menginfecties met spoelwormen, zweepwormen of coccidiën op.
Behandeling volgens ESCCAP: fenbendazol (Panacur) of metronidazol
De richtlijn van ESCCAP en de Universiteitskliniek in Utrecht luidt: behandel de zieke hond, niet het teststripje. Test een hond zonder diarree toevallig positief, of zijn na een kuur de klachten helemaal verdwenen, ga dan niet eindeloos doorbehandelen. Bij diarree én een positieve test is fenbendazol (Panacur, of een middel met febantel) de eerste keus. Hoewel de bijsluiter vaak drie dagen noemt, adviseert ESCCAP eenmaal daags 50 mg per kilo lichaamsgewicht gedurende minimaal vijf en bij voorkeur zeven dagen. Weeg een pup vooraf nauwkeurig zodat je niet per ongeluk te laag doseert.
Pas bij aanhoudende klachten wijkt de dierenarts als tweede keus uit naar metronidazol (zoals Metrobac). Dit middel doodt Giardia, maar is ook een antibioticum dat de goede darmbacteriën flink uitdunt en bij hoge doseringen neurologische bijwerkingen kan geven. Heb je meerdere honden of katten, overleg dan of je hen meebehandelt zodat zij geen herbesmettingsbron vormen. Wees tijdens de kuur en het herstel zuinig met zetmeelrijke snacks en veel koolhydraten, omdat Giardia en gasvormende bacteriën zoals Clostridia daar hard op groeien.

De herbesmettingscirkel doorbreken zonder je hele huis te verbouwen
Je wordt er moedeloos van als de ontlasting eindelijk stevig lijkt, om drie dagen later opnieuw naar een slijmerige 'koeienvlaai' te kijken en alweer dekens op 60 graden in de wasmachine te proppen. Fenbendazol heeft geen nawerking: likt je hond op de laatste kuurdag aan zijn billen, pootjes of mand waar nog cysten van dag één in kleven, dan begint de infectie opnieuw. Gelukkig hoef je je huis niet te verbouwen, want cysten sterven door hitte boven de 60 tot 70 graden en door uitdroging:
- Was de achterhand op dag 3 én op dag 5 (of de laatste kuurdag): sop op dag 3 en op dag 5 (of dag 7 bij een verlengde kuur) de billen, staartbasis en achterpoten in met hondenshampoo of chloorhexidine-shampoo. Veeg na elke poepbeurt zijn achterwerk schoon met een wegwerpdoekje.
- Ruim poep direct op en ontzie je tuin: schep elk hoopje meteen op en laat je hond tijdens de kuur liever niet op je eigen gazon poepen. Giet over een vieze plek op de tuintegels direct kokend water.
- Handdoeken op 60 graden wassen en bakken uitkoken: leg schone handdoeken over de mand, was textiel op minstens 60 graden en droog het in de droger of felle zon. Spoel voer- en drinkbakken dagelijks uit met kokend water (of vijf minuten in water boven de 70 graden) en droog ze direct af.
- Trek vloeren kurkdroog: reinig vloeren, de bench en het kleed in de kofferbak met water en zeep en maak alles kurkdroog. Elke dag nat dweilen houdt cysten juist in leven. Gebruik eventueel hete stoom (minstens één minuut boven de 70 graden) of quaternaire ammoniumverbindingen (vijf minuten inwerktijd op een schone vloer).
Nog steeds dunne poep na de kuur: zit de parasiet er nog of is de darmflora van slag?
Blijft de ontlasting na een kuur brijig, dan hoeft je hond niet opnieuw besmet te zijn. Vaak is de parasiet dood, maar zijn de darmvlokken nog beschadigd en ligt de darmflora door de infectie en medicatie op zijn gat. Blind doorkuren maakt het darmslijmvlies alleen maar kwetsbaarder. Twijfel je, wacht dan minstens acht tot tien dagen na de laatste pil en laat via flottatie op levende cysten controleren. Zijn die weg, ondersteun de darmen dan met licht verteerbaar voer, psylliumvezels en probiotica.
Wanneer bel je de dierenarts?
- Direct bellen (spoed): bij een pup, kleine hond of senior die naast waterige diarree blijft braken, sloom wordt, niet wil drinken, koorts heeft of veel bloed verliest.
- Binnen één tot twee dagen overleggen: als slijmerige, zuur stinkende ontlasting na drie tot vier dagen niet verbetert, steeds terugkeert of als je hond afvalt. Start alvast met het driedaagse monster.
- Rustig ondersteunen: als je hond na de kuur vrolijk is, goed eet en vrij is van cysten, maar nog even zachte drollen heeft door een herstellende darmflora.
Ervaringen van andere baasjes op het forum
Op het forum zie je dat je niet de enige bent die moedeloos naar het grasveld tuurt. In het forumtopic over pup Maui met Giardia vertellen baasjes hoe hond Nouri na vijf dagen Panacur en grondig boenen al anderhalve week mooie drolletjes had maar toch een tweede kuur nodig had, en hoe zij na elke poepbeurt de anus schoonmaken en koolhydraten mijden.
In het topic over aanhoudende Giardia bij een pup delen eigenaren het schema van dagelijks bakken uitkoken, de hond elke derde dag én aan het eind van de kuur wassen en drukke uitlaatplekken mijden, maar waarschuwen ze ook voor een aangetaste darmflora na herhaalde kuren. En in de discussie over microscopisch onderzoek of de SNAP-test lees je waarom je drie dagen poep spaart en niet direct na de kuur een sneltest doet.
Zit jij midden in het wasschema? Praat mee op het HondenPage-forum.
Veelgestelde vragen
Is Giardia bij mijn hond ook besmettelijk voor mij of mijn kinderen?
Giardia staat te boek als een zoönose, maar de kans op overdracht van hond naar mens is klein. Honden dragen meestal hondspecifieke varianten (assemblage C en D) waar mensen niet ziek van worden. Omdat er heel soms een stam meelift die ook mensen kan besmetten, is het verstandig om na het poep scheppen en billen wassen goed je handen te wassen met water en zeep en bij het poetsen handschoenen te dragen.
Waarom werkt een gewone ontwormingspil zoals Milbemax niet tegen Giardia?
Een standaard ontwormingspil werkt met één enkele dosering tegen meercellige spoel-, haak- en lintwormen. Giardia is een eencellige parasiet die alleen verdwijnt met een meerdaagse kuur van vijf tot zeven dagen fenbendazol (of metronidazol), precies afgewogen op het actuele gewicht van je hond.
Kan ik mijn vloeren het beste met chloor of Dettol dweilen tegen Giardia?
Gewone huishoud-Dettol doodt Giardia-cysten niet, en chloor geeft prikkelende dampen en werkt alleen na lang inwerken op een al schone vloer. Veel slimmer en veiliger is poetsen met water en zeep, naspoelen en de vloer direct kurkdroog trekken, eventueel gevolgd door hete stoom van minstens 70 graden.
Mag mijn hond met Giardia nog naar de puppycursus of met andere honden spelen?
Zolang je hond diarree heeft en midden in zijn kuur zit, kun je speelveldjes en de puppycursus beter even overslaan omdat cysten aan zijn achterhand direct andere pups kunnen besmetten. Vaak mag je na overleg met de hondenschool wel zelf zonder pup komen kijken zodat je de lesstof bijhoudt.
Bronnen
LICG: Giardia bij hond en kat. ESCCAP: Giardia-infectie bij hond en kat (ESCCAP Fact Sheet). Medisch Centrum voor Dieren: Giardia bij de hond en kat. Universiteit Utrecht: Giardia-infecties: Consensus over diagnostiek en therapie bij hond en kat. AniCura: Giardia bij honden.


