
Als het om de omgang tussen kinderen en huisdieren gaat, wil iedereen wel weten hoe de band is tussen die twee. Hiervoor is een test ontworpen. Deze test wees uit dat kinderen in de schoolse periode, die daarvoor in de gelegenheid waren, dagelijks praten met hun huisdier, soms wel enkele keren per dag. Gedurende die periode(s) houden zij hun huisdier bezig met de fijnste verhalen. Uit deze test kwam ook naar voren, dat kinderen waarvan de thuissituatie niet optimaal was (ziekte, echtscheidingsperikelen, armoede) gemiddeld een sterkere band hadden met hun huisdier dan hun 'gelukkige' leeftijdsgenootjes. De hechte band, vooral met hun hond, maakte dat de kinderen uit deze groep beter in staat waren om te helpen en samen te werken met de buitenwereld, maar vaker steun zochten bij hun hond dan bij broers of zussen. Wat mij betreft moet er bij de uitkomst van dergelijke tests toch rekening worden gehouden met het feit dat het uiteindelijk om toevalligheden kan gaan. Er kan zo snel een stempel op een bepaalde groep worden geplakt. De stelling die ik wel aandurf is dat de hond medeleven toont, omdat hij daarvoor de gelegenheid van het kind krijgt. En dit doet het kind omdat de hond niets doorvertelt en geen oordeel velt. Hij luistert alleen maar en komt bovendien niet met een erger probleem waarmee het kind wordt opgezadeld. Geen wonder dat een kind zich dan veilig voelt.

Reageren















