
Blijft je hond tijdens het uitlaten bij elke graspol hurken voor drie druppels, perst ze lang na met een bolle rug of ligt er 's ochtends ineens een plasje op de deurmat? Zulke symptomen wijzen bij je hond al snel op een blaasontsteking. Dat geeft een venijnig, branderig gevoel in de onderbuik en vraagt om een potje verse ochtendurine bij de dierenarts. Let daarbij op één belangrijk verschil: perst je hond (zeker een reu) steeds opnieuw zonder dat er nog een straal of druppel uitkomt, bel dan direct het spoednummer vanwege een mogelijk verstopte plasbuis.
Hoe herken je een blaasontsteking bij je hond?
Het duidelijkste signaal zie je buiten aan de riem. Waar een teefje tijdens een normaal rondje aan het begin één of twee keer rustig haar blaas leegt, schiet ze met een blaasontsteking om de tien meter in de hurkstand. Het gezwollen slijmvlies van de blaaswand geeft de hersenen continu het seintje dat de blaas vol zit. Zelfs met een compleet lege blaas blijft je hond daardoor die zeurende aandrang voelen.
Op straat ziet dat persen met een opgetrokken buik en bolle rug er soms zo krampachtig uit dat je denkt dat je hond niet kan poepen. Kijk je goed, dan zakt ze met haar achterhand lager boven het gras en houdt ze haar staart net anders, terwijl er na lang drukken hooguit een paar druppels vallen. Sommige honden kijken na het plassen verbaasd om naar hun flank, laten een zacht piepje horen of likken thuis fanatiek aan hun vulva of penis om het branderige gevoel weg te poetsen.
Ook aan de plas zelf kun je veel aflezen. Door kleine puntbloedingen in de ontstoken blaaswand kleurt de urine lichtroze, roodachtig of roestbruin. Tussen het gras valt dat nauwelijks op, maar in de laatste druppels op een lichte stoeptegel, in de sneeuw of op een velletje keukenpapier zie je het meteen. De urine ruikt vaak scherp en ammoniakachtig, en een hond die al jaren keurig zindelijk is kan plotseling in huis plassen omdat de prikkel 's nachts te heftig wordt.
Is je hond naast het vele plassen ook koortsig of sloom, eet ze slecht of drinkt ze ineens bakken met water leeg, dan speelt er meer dan een simpele blaaswandirritatie.
Waarom teefjes vaker de klos zijn (en het bij een reu anders werkt)
Wie ook katten in huis heeft, weet dat een blaasontsteking bij een kat vaak door stress ontstaat zonder dat er één bacterie bij betrokken is. Bij honden werkt dat anders: daar kruipt bijna altijd een bacterie uit de eigen huid- of darmflora vanaf de achterhand via de plasbuis omhoog naar de blaas. Omdat de plasbuis van een teefje een stuk korter en wijder is dan die van een reu, hebben bacteriën bij haar een veel kortere route af te leggen. Ook jonge puppy-teefjes zijn relatief vatbaar, omdat hun vulva bij het hurken dicht boven de grond hangt en hun lokale afweer nog volop in ontwikkeling is.
Bij volwassen honden zien dierenartsen een eenmalige, ongecompliceerde blaasontsteking veruit het vaakst bij gecastreerde (gesteriliseerde) teven. Vrouwelijke geslachtshormonen houden normaal de sluitspier van de blaas op spanning én zorgen voor een gladde, beschermende slijmlaag op de blaaswand. Na een castratie van je teef of reu valt die hormonale steun weg en hechten bacteriën zich makkelijker aan de wand. Bij een oudere, niet-gecastreerde teef kijkt de dierenarts juist extra scherp of een sluimerende baarmoederontsteking (pyometra) de bron van de bacteriën is.
Krijgt een reu een blaasontsteking, dan gaat bij de dierenarts direct het lampje 'verder zoeken' branden. Een reu heeft een lange, smalle plasbuis en een prostaat die afweerstoffen toevoegt om indringers weg te spoelen. Dringen bacteriën toch door, dan speelt er bij een reu bijna altijd een achterliggend probleem, zoals een vergrote of ontstoken prostaat waarin bacteriën zich verschansen, of schurend blaasgruis.
Rond dat blaasgruis bestaat een hardnekkig misverstand. Het meest voorkomende gruis bij de hond is struviet: kleine kristallen die onder de microscoop op rechthoekige steentjes lijken. Waar we snel denken dat gruis de ontsteking veroorzaakt, is struviet bij de hond meestal juist het gevolg van een bacteriële blaasontsteking. Bepaalde bacteriën maken namelijk het enzym urease aan, waardoor de urine minder zuur wordt (de pH-waarde stijgt), en precies in die basische urine slaan mineralen neer als struviet.
Zodra de bacterie met een passende kuur is opgeruimd, daalt de pH en lost fijn struvietgruis vaak weer op, eventueel ondersteund met een tijdelijk verzurend dieet. Andere steensoorten zoals calciumoxalaat of uraat staan los van bacteriën en lossen nooit op met voer; als die te groot zijn om uit te plassen, moeten ze operatief of via een kijkoperatie uit de blaas worden gehaald.

Met een soeplepel achter je hond aan: urine opvangen en onderzoek
Als je de dierenartspraktijk belt voor een afspraak, krijg je vrijwel altijd het verzoek om alvast een potje verse ochtendurine mee te nemen. De eerste plas van de dag heeft de hele nacht in de blaas gestaan en is het sterkst geconcentreerd, waardoor ontstekingscellen, eiwitten, bacteriën en kristallen daarin het best te vinden zijn.
Dat levert buiten een licht komisch ochtendritueel op waarbij je met een oude soeplepel met lange steel (of een plat plastic bakje) achter je hond aan loopt. Spoel die lepel en het opvangpotje vooraf thuis om met kokendheet water en droog ze met een schone doek. Laat afwasmiddel of allesreiniger achterwege: het kleinste zeeprestje breekt bloedcellen af en gooit de zuurgraad op de teststrip in de war.
Houd je hond buiten kort aan de riem en wacht tot de straal echt loopt voordat je de lepel rustig onder haar schuift, zonder vacht of huid te raken; duik je te vroeg onder haar buik, dan houdt bijna elke hond haar plas direct weer in. Breng het potje binnen twee uur naar de praktijk of zet het tussentijds in de koelkast, want op kamertemperatuur verandert de zuurgraad en slaan er kristallen neer die in de blaas helemaal niet zaten.
Op de praktijk voelt de dierenarts eerst de buik na: een ontstoken blaas voelt vaak strak en gevoelig aan, en bij een reu wordt ook de prostaat gecontroleerd. Daarna gaat het urinemonster door drie snelle tests: het soortelijk gewicht (hoe geconcentreerd is de plas?), een urinestrip voor onder meer de pH-waarde, bloed, eiwit en suiker, en een blik onder de microscoop op het afgedraaide bezinksel.
Bij een eerste, ongecompliceerde blaasontsteking knapt een verder gezonde teef met pijnstillende ontstekingsremmers en een gerichte kuur meestal binnen een paar dagen op. Komt de ontsteking binnen een halfjaar terug, slaat de kuur na een week niet aan of gaat het om een reu, dan is een opgevangen plas niet zuiver genoeg voor een kweek omdat er bacteriën van de huid of voorhuid meeliften.
De dierenarts prikt dan onder echobegeleiding met een dun naaldje door de buikwand direct in de blaas: zo'n blaaspunctie voelt je hond nauwelijks en levert steriele urine op om te testen voor welk antibioticum de bacterie gevoelig is.
Thuis help je je hond door de blaas goed door te spoelen. Zet op verschillende plekken vers water neer, geef tijdelijk natvoer of roer een flinke scheut lauw water door haar brokken, en loop de eerste dagen elke twee tot drie uur even kort naar buiten zodat urine met bacteriën niet lang in de blaas blijft staan. Geef bij buikpijn nooit een paracetamol of ibuprofen uit je eigen medicijnkastje, want die zijn giftig voor honden en tasten maag en nieren aan. Laat ook rondzingende internetadviezen om water met bakpoeder (natriumbicarbonaat) in de bek te spuiten links liggen: bakpoeder maakt de urine juist minder zuur, waardoor struvietkristallen alleen maar sneller neerslaan.
Wanneer bel je direct de dierenarts?
Bij de meeste blaasontstekingen heeft je hond vooral last van een pijnlijk, zeurend gevoel bij het plassen, maar soms telt echt elk uur. Bekijk bij twijfel ook ons overzicht over wanneer je direct naar de spoeddierenarts moet en houd dit onderscheid aan:
- Direct bellen (spoed, ook 's nachts en in het weekend): Je hond neemt steeds de plashouding aan en perst krachtig, maar er komt geen straal of druppel meer uit, of je hond krijgt een harde, pijnlijke buik, gaat braken en wordt sloom. Vooral bij reuen kan blaasgruis of een klein steentje vastlopen bij het smalle penisbotje; zonder snelle katheterisatie kan de blaas scheuren of vallen de nieren binnen vierentwintig uur stil.
- Vandaag nog overleggen: Je ziet helderrood bloed bij de plas, je hond heeft koorts, laat haar eten staan, drinkt ineens opvallend veel of de klachten spelen bij een reu, een jonge pup of een niet-gecastreerde teef.
- Morgenochtend met een vers plasje langsgaan: Je gecastreerde teefje is verder vrolijk, eet met smaak en heeft geen koorts, maar moet sinds vandaag tijdens het wandelen telkens kleine beetjes plassen.
Ervaringen van andere baasjes
Op het forum zie je goed waarom doorzoeken zo belangrijk is als een blaasontsteking na een kuurtje meteen weer de kop opsteekt. In het topic over een terugkerende blaasontsteking bij een reu lees je over de negenjarige Schotse Herder Pol, die na verschillende antibioticakuren telkens opnieuw klachten kreeg.
Pas toen er een echo werd gemaakt en steriele urine op kweek werd gezet, bleek dat de blaas zelf schoon was maar dat de bacteriën in cysten in zijn prostaat zaten. Met een gerichte kuur van drie weken én een chemische castratie via een implantaat om de prostaat te laten slinken werd de werkelijke oorzaak eindelijk aangepakt. In datzelfde topic deelt een ander baasje een belangrijke praktijkles voor honden met blaasgruis op een speciaal dieetvoer: houd je strikt aan die brokken en geef geen enkel snoepje tussendoor, want anders keren het gruis en het bloed in de urine meteen terug.
Hoe snel een hond opknapt als je er op tijd bij bent, zie je terug in het topic over een blaasontsteking met bloed in de urine. Het gecastreerde teefje Diki plaste vaak met veel bloed en had duidelijk buikpijn, maar gelukkig waren haar nierwaarden goed en zat er geen struviet in het monster. Na de eerste pijnstiller en een zevendaagse antibioticakuur knapte ze binnen één dag zichtbaar op, en door haar iedere twee uur even in de tuin te laten plassen bleef de urine niet lang in de blaas staan.
Heeft jouw hond vaker last van haar blaas of wil je ervaringen uitwisselen over een onderzoek? Praat mee op het HondenPage-forum.
Veelgestelde vragen
Gaat een blaasontsteking bij een hond vanzelf over?
Nee, bij honden zit er vrijwel altijd een bacteriële infectie achter die zonder behandeling pijnlijk blijft sluimeren. Als je er te lang mee doorloopt, kunnen de bacteriën via de urineleiders omhoog kruipen naar een gevaarlijke nierbekkenontsteking of zorgen voor grote struvietstenen in de blaas.
Helpen cranberrytabletten of vitamine C tegen een blaasontsteking?
Cranberry en vitamine C genezen een actieve bacteriële blaasontsteking met pijn of bloed in de urine niet en vervangen geen bezoek aan de dierenarts. Wel kunnen cranberrysupplementen bij honden die gevoelig zijn voor herhaling achteraf ondersteunen, omdat bepaalde stoffen in cranberry het voor E. coli-bacteriën lastiger maken om zich aan de blaaswand te hechten.
Hoe oud mag de opgevangen urine zijn als ik naar de dierenarts ga?
Breng het opgevangen plasje het liefst binnen twee uur naar de praktijk. Lukt dat niet direct, zet het schone, goed afgesloten potje dan tot je vertrek in de koelkast en vertel aan de balie hoe laat je de urine hebt opgevangen.
Is een blaasontsteking bij mijn hond besmettelijk voor andere honden of mensen?
Nee, een blaasontsteking is niet besmettelijk. De infectie ontstaat bijna altijd door lichaamseigen bacteriën van je hond zelf die vanaf de huid of slijmvliezen via de plasbuis in de blaas belanden, dus niet door het snuffelen aan een plasje van een andere hond.
Bronnen
Medisch Centrum voor Dieren: Blaasontsteking (hond), Blaasstenen en blaasgruis bij hond en kat. AniCura: Blaasontsteking hond, Urineonderzoek bij honden.


