
Mam, nemen we weer een hond, vroeg mijn zoon, toen Ayla, onze boxer veel te jong dood ging.
Ja lieverd, maar als jij op de middelbare school zit. Dan ben je wat ouder en dan kunnen we het samen doen, mama met haar werk, jij met je school.
Hij moest nog een paar jaartjes wachten.
Maar toen hij twaalf was gingen we serieus nadenken.
Ik heb altijd boxers gehad, maar mijn tante had een paar jaar daarvoor al een Greyhound uit Spanje geadopteerd.
We kwamen samen tot de conclusie dat we een hond die dringend een gouden mandje zocht wilden.
Ik zag Vera op de foto, ze was al een half jaar in een gastgezin in IJmuiden, stond op de foto in de duinen waar zowel ik als mijn zoon zijn opgegroeid en ik dacht: Daar ga jij blijven.
We kwamen binnen bij het gastgezin, veel honden en andere dieren.
Vera was overduidelijk de underdog.
Kroop onmiddellijk op de bank, achter mij en ik wist, jij hoort bij ons.
Ik wist toen nog niet wat Vera had meegemaakt.
Dat hoorde ik pas de volgende dag, toen ik weer terugkwam, want ze zat al in mijn hart.
Vera heeft de eerste jaren van haar leven in Spanje doorgebracht aan een ketting. De ketting zat rondom in haar nek gegroeid, ik zag het litteken.
Ik wist toen nog niet wat ze allemaal nog meer had meegemaakt.
Ik wist toen ook nog niet wat ze allemaal mankeerde.
We hebben het allemaal meegemaakt. Ze bleek Leishmania te hebben.
En ze was zwaar getraumatiseerd.
Kan ze een paar uurtjes alleen thuis blijven, vroeg ik.
Ja hoor.
Later bleek dat ze dat best kon, ja, in het gastgezin, met een hele berg honden, die haar niet moesten. Maar dan was ze niet alleen.
Bij ons wel.
Dus dat ging vanaf dag 1 fout.
Hysterisch, totale paniek, wat een verlatingsangst.
Maar, een hond bij mij erin gaat er nooit meer uit.
Dus stress. Want ik moest werken.
Hoe ik die maand gered heb weet ik niet meer, met hulp van mijn lieve tante en een mopperende moeder.
Maar ik had maar 1 doel, Vera heeft een maatje nodig. En wel de juiste.
Dus ik had een missie.
Ik had een hond op het oog in Brabant, ook een herplaatser, maar ook een probleemgeval, dus met pijn in mijn hart (want die wilde ik ook helpen) gezegd: nee, dit gaat niet.
En toen, toen kwam Mama Lexi. Wie wil Mama Lexi, stond er.
Iedereen wilde de pupjes, niemand wilde Lexi, met haar uitgezakte buikje.
Ik zag Lexi en ik wist, dit gaat goed komen.
Vanaf dag 1 waren Vera en Lexi gezworen maatjes.
Ik kon de volgende dag gewoon naar mijn werk (halve dag), ik laat mijn honden nooit een hele dag alleen.
Twee jaar later wilde ik er graag nog een hondje uit Spanje bij.
Ik zag Mara. En ik zag Pientje.
En ik kon niet kiezen.
En ik dacht: Ach, 3 of 4, wat maakt het nog uit?
En toen had ik een roedel van 4 Spaanse meiden, ieder met hun eigen rugzak.
Waarvan jij, mijn Vera, wel de zwaarste.
Maar wat was je prachtig. Wat een vertrouwen. Voorzichtig vriendelijk naar iedereen.
Wat hebben we veel meegemaakt, meiske.
Ik ben zo blij dat je mijn hond was.
Dat ik iets heb kunnen goedmaken van wat je is aangedaan.
Nog heel even, dan is het een jaar geleden dat je in mijn armen insliep, hier thuis, op het grote berenbed.
Waar jouw gipsy's nu liggen.
Wat een grote lege plek.
Ik zal je altijd missen, grote sterke meid.
Ik brand een kaars voor jou, Vera mijn kind, elke dag, maar vandaag helemaal.
Je bent voor altijd een stukje van mij ![]()


Reageren

















