
Ik ben 4,5 maand geleden verhuisd naar Zweden. Natuurlijk is mijn hond ook mee gegaan. Nu is het alleen zo, dat Hektor sinds dat we in Zweden zijn, niet meer zo goed luisterd (hij is 15 maanden en dus misschien ook wel beetje aan het puberen)
In Nederland was Hektor 2 á 3 keer in de week bij mijn ouders, omdat mijn vriend en ik allebei werkte. Mijn ouders hebben zelf 4 honden. 3 Jackrussels en een Duitse Staande. De oudste Jack Russels was de baas, en dat was voor Hektor ook meteen heel duidelijk. Ook luisterde Hektor altijd PERFECT naar mijn vader.
Als mijn ouders in Zweden opbezoek zijn (bijna elke maand 1x), dan luisterd Hektor vanaf dat hij mijn vader ziet, meteen perfect. Hij trekt niet aan de riem, reageerd niet wild op andere honden, hij blaft niet meer zonder reden, bijt nergens aan en hij kan zelfs los lopen, omdat hij zo goed naar mijn vader luisterd.
Nu vroeg ik me af; kan het zo zijn, dat Hektor denkt dat mijn vader de Alfaleider (of hoe heet dat) is,en dat wanneer mijn vader er niet is, hij denkt dat hij de baas is?
Misschien rare gedachten, maar ik heb me echt al alles afgevraagd, waarom hij zo doet!
Dit komt doordat het onderwerp niet meer recent is en in het hondenforum archief terecht ik gekomen.
Als je over "Mijn vader de baas?" wilt praten in het hondenforum dan kun je het beste een nieuw onderwerp aanmaken
3 doggies 
Hey,
Ik denk niet dat het met de rangorde te maken heeft.
Je vader maakt geen onderdeel uit van jullie roedel, maar van een andere 'gelegenheidsroedel' waar Hektor wel regelmatig kwam.
Gedrag is persoonsgebonden. En ik denk dat het daar heel erg mee te maken heeft.
Hektor weet gewoon hoe je vader wil dat hij zich gedraagt. Hij heeft bij je vader geleerd dat niet trekken en goed luisteren hem meer opleverd, dan vervelend zijn 
Helaas is het dus niet zo dat als een hond naar 1 iemand goed luister, hij dan automatisch weet dat hij dat bij iedereen moet doen.
Honden leren in context (net als mensen trouwens) dus de omgeving speelt mee in het leerproces. En het is aan de persoon gebonden met wie hij oefent.
Honden luisteren van nature beter naar mannen doordat zij een zwaardere stem hebben en dus wat dreigender over kunnen komen.
Wat ik je kan aanraden is om veel te oefenen met Hektor, kleine stapjes. Er niet vanuit gaan dat hij het allemaal al weet en best kan. Want een andere omgeving en een ander persoon betekent voor Hektor: nieuwe situatie en dus nieuw gedrag.
Het is wel zo, dat omdat Hektor het allemaal al een keertje geleerd heeft, het leerproces sneller gaat. Maar dan alleen als je duidelijk bent in je training, wat je vader waarschijnlijk heel erg is 
Groetjes, Margje

Hey Margje,
Alle onze honden luisterde altijd perfect bij mijn vader, bij mijn moeder veel minder.
Hektor is ook onze eerste eigen hond, dus waarschijnlijk zijn we in zijn opvoeding niet perfect geweest! Ik weet dat het in stapjes moet gebeuren, maar soms weet ik gewoon niet meer waar ik moet beginnen.
In Nederland trok hij bijna nooit aan de riem, hier begon hij dat wel te doen. Nu met Halti gaat het stukken beter, maar wanneer ik bijvoorbeeld langs een kinderwagen loop, dan trekt hij gewoon constant, heel vervelend. In Nederland deed hij ook helemaal niet gek naar andere honden, nu kan ik hem bijna niet meer houden aan de riem. Heel raar!
Maar ik weet het, geduld hebben is het belangrijkste! Maar soms is mijn geduld op
3 doggies 
Hey Inge,
Ja dat kan ik me voorstellen..
Het is ook een grote hond.. dus dat voel je wel als hij aan de riem trekt.
Ik zou echt weer van voren af aan beginnen met de oefeningen zoals je hem die geleerd hebt toen hij klein was.
Het is soms moeilijk, maar probeer zo min mogelijk te mopperen. Honden reageren heel erg op lichaamstaal en de meeste honden worden juist een stuk dwarser als wij de balen ervan krijgen 
Probeer dus ook vooral heel veel leuke dingen te doen en vervelende dingen te voorkomen.
Verder is het echt een kwestie van heel consequent zijn en veel oefenen..
Helaas is er geen makkelijke weg, behalve je vader in huis nemen
Maar of dat zo makkelijk is.. 
Liefs, Margje

Haha, ik kan het met natuurlijk vragen
Nee maar het is zo heerlijk als mijn vader hier is! Hij kan dan overal lekker los lopen, en ik hoef niet constant zo gestressd op hem te zijn! Ik merk dat hij dan ook veel rustiger is!
Ik zal proberen weer helemaal van voor af aan te beginnen! Maar elke keer als ik ergens vordering in heb, gaat er iets anders achteruit!
3 doggies 
Misschien kun je eens aan je vader tips vragen, hoe hij met de hond omgaat en wat hij anders doet dan jij. Soms zijn het net kleine dingetjes, die jij misschien ook kan doen...
3 doggies 
Maar het is toch zo dat de ene persoon een natuurlijker overwicht heeft op honden dan een andere persoon?
Dat is de rede dan ik geen dominante hond wilde, ik ben volgens mij van nature niet zo heel erg overtuigend persoon.....
Of is dat echt onzin.

Ik geloof wel in wat jij zegt Cynthia! Maar of het ook echt zo is, ik weet het niet.
Hektor is niet echt een dominate hond, maar hij wil toch een beetje laten zien, dat hij zelf beslist wat hij doet! Terwijl hij ook heel goed kan luisteren (bij mijn vader bijvoorbeeld
).
Ik ga nu maar beginnen van voor af aan met alles `opnieuw` leren, en hopen dat het werkt
3 doggies 
Hey,
Ja dat is zo hoor. De een heeft van nature al een uitstraling met gezag en de ander totaal niet 
Maar het is wel aan te leren om zeker over te komen.
Als je zelf geen duidelijke leider bent en je hebt een hond die dit wel nodig heeft, dan neemt de hond zelf de touwtjes in handen, naar jou luisteren vind hij dan niet meer zo nodig 
Probeer 1 oefening per keer aan te pakken.
En verder ook de 'roedelregels' aan te houden.
Groetjes, Margje
3 doggies 
je vader heeft gezag.
zodra jij meer zekerheid uitstraalt (oefenen) zal ook jij dat gezag over hektor hebben.
tana.
3 doggies 
Hey Inge,
Is helemaal geen stomme vraag!
Zal ze hieronder even voor je neerzetten.
Als je via PB even je emailadres stuurt, dan krijg je ze ook via mail.
Groetjes, Margje
De zes hiërarchieregels:
1. De mindere (de hond) meldt zich bij de meerdere (de baas) als de meerdere daarom vraagt.
Veel honden krijgen de hele dag door aandacht en raken daar helemaal door verzadigd. Waardoor jij als baas niet meer zo leuk bent. Binnen nog wel, maar buiten zijn er zoveel andere leuke dingen en die baas is er straks ook nog wel.
Daarom is het belangrijk om deze regel toe te passen. Negeer de hond als hij uit zichzelf naar je toekomt. Roep hem bij je als hij ergens rustig ligt en geef hem dan alle aandacht. Verbreek zelf deze aandacht weer. Ga niet te lang door, zodat de hond uit zichzelf al wegloopt.
Let ook eens op het begroetingsritueel. Het begroetingsritueel staat vaak in verband met verlatingsangst. Als we thuiskomen begroeten we de hond vaak enthousiast. Terwijl je eigenlijk wil dat weg gaan en thuis komen heel normaal zijn en bij de dagelijkse dingen horen.
Het beste is bij thuiskomst de hond te negeren. Pas als je rustig je jas hebt uitgetrokken en de hond is rustig, roep hem dan bij je.
2. De meerdere begint en eindigt het spel.
Vaak heeft hond heel veel speeltjes die allemaal op de grond verspreid liggen. Doordat hij altijd toegang heeft tot deze speeltjes zijn ze voor hem niet meer zo interessant. Ruim daarom alle speeltjes op, eventueel kun je 1 speeltje laten liggen en die wekelijks ruilen voor een ander speeltje.
Een hond speelt niet ‘zomaar’. Ook voor hele jonge honden is spelen een manier om kracht te meten en status te bepalen. Tijdens het spelen vindt een dominantiebepaling plaats. Als je met de hond gaat spelen is dan ook van belang dat je het laatste spelletje wint en dat jij als baas het spel start en eindigt.
Een spel start je, door zelf een speeltje te pakken en de hond uit te dagen mee te spelen. Een spel eindig je door zelf het speeltje weg te leggen, blijft de hond in je broek hangen of springen naar het speeltje, dan moet je het spel duidelijk eindigen, bijvoorbeeld door de hond op zijn rug te leggen. Let bij het op de rug leggen altijd op de emotie van de hond te zien aan zijn staart en oren.
Leer de hond ook het verschil tussen ‘vast’ en ‘los’. Een hond weet nog niet wat los is, dat moet je hem nog leren. Door hem uit te dagen met een speeltje wil hij het speeltje vastpakken, zeg dan ‘vast’. Als hij het speeltje goed vasthoudt, pak dan een brokje en hou die onder de neus van de hond, zodra de hond loslaat, zeg je ‘los’. Zo leer je hem het verschil tussen los en vast.
3. De mindere maakt plaats voor zijn meerdere.
Bij (wilde) honden zie je dat een meerdere altijd een ‘vrij pad’ heeft. Alle andere honden gaan voor hem aan de kant en zullen hem niet in de weg liggen. Ook zullen ze nooit ‘per ongeluk’ tegen hem oplopen.
Als de hond voor ons gaat liggen, dan stappen we niet om hem heen. Schuifel met je voeten tegen de hond aan, zodat hij aan de kant gaat. Dit kun je door het hele huis doen, zodat de hond gaat leren dat de enige plek waar hij rustig kan slapen zijn bench is.
De bench is voor de hond altijd een rustplek. Hij mag daar dan ook nooit gestraft of lastiggevallen worden. In de bench heeft de hond altijd rust. Leer dit ook aan kinderen, dat als de hond in zijn bench ligt, hij met rust gelaten moet worden.
4. Degene die voorop loopt is de roedelleider.
De roedelleider bepaalt welke kant de roedel opgaat. Hij loopt dan ook voorop en leidt de weg.
Loopt de hond voor je uit, draai dan telkens de andere kant op. Ook tijdens de uitlaatronde loop je als leider voorop en draai je om als de hond voor jou uitloopt. Loop ook regelmatig eens de andere kant op, hoe meer onvoorspelbaar de wandeling, hoe meer duidelijk is dat jij leidt.
Loopt de hond los, zorg er dan voor dat de hond jou in de gaten houdt. Dit doe je door je regelmatig te verstoppen. Loopt je hond vooruit, verstop je snel achter een boom. Door de schrik zal hij leren beter op te letten.
Belangrijk bij deze regel is ook de ‘deurtraining’. Een leider loopt ook als eerst door een nauwe doorgang. Train dit met de deuren in huis. Je doet de deur open, springt de hond op, dan doe je snel de deur weer dicht. Is de hond weer rustig dan probeer je weer de deur open te doen. Alleen als de hond netjes blijft zitten en jou eerst door de deur laat gaan, waarna jij de hond toestemming geeft om te komen, mag de deur open blijven. Om dit bij alle deuren te krijgen moet je oefenen met verschillende deuren. Na een aantal deuren zal de hond gaan generaliseren.
5. De meerdere eet eerder dan de mindere.
In een roedel eten de hogere in rang het eerst de beste delen van het karkas op.
Geef daarom de hond te eten nadat je zelf gegeten hebt. Dit geldt als het tijdstip van zelf eten en het eten van de hond vlak bij elkaar liggen. De hond geeft je dus niet te eten, vlak voor je zelf aan tafel gaat, of als je staat te koken.
Het is geen probleem om de hond bijvoorbeeld een half uur voordat je zelf gaat koken eten te geven.
6. De ranghoogste is altijd hoger gepositioneerd dan de ranglagere.
Dit betekend dat de hond bij voorkeur niet op de bank of op bed mag. Ook mag de hond niet op je klimmen. Zorg dat je altijd hoger gepositioneerd bent dan de hond.
Bij honden onderling zie je dat volwassen honden een andere hond kunnen ´overmeesteren´ dat wil zeggen dat de lager geplaatste hond zich overgeeft aan de hoger geplaatste, hij gaat daarbij op zijn rug liggen, legt zijn keel en buik bloot en heeft zijn staart tussen zijn poten om zijn anaalklieren af te schermen. De hond ligt dan helemaal stil. De laagste bij de grond is dan ook echt de laagste in rang.
Bij spel zie je dat de rollen telkens wisselen, een lager geplaatste hond kan dan ineens boven de hoger geplaatste hond staan. Maar dit gebeurt dus alleen in spel, kenmerkend zijn daarvoor de spelboog en de rolwisselingen.
Wanneer pas je de regels toe?
Bij een pup begin je vanaf dat je hem in huis hebt met het toepassen van de hiërarchieregels.
Een pup past de regels al in het nest toe. Kijk maar naar pups onderling. Ze ‘spelen’ maar zoals bij elk spel gaat het om wie er wint. Daar zijn pups ook al mee bezig! Gegrom bij de voederbak en om speeltjes komt ook al voor. De moeder corrigeert haar pups ook al als ze te veel opdringen of de regels negeren.
Als je bij een pup de regels goed toepast, heerst er duidelijkheid bij de pup. Hij weet waar hij aan toe is. Let er op wat je bij een volwassen hond niet zou tolereren, tolereer dat ook niet bij een pup!
Hou de regels aan tot na de tweede puberteit, die begint tussen de twaalf en veertien maanden. Als je tot anderhalf jaar heel duidelijk bent geweest naar de hond is dit een gewoonte geworden. Nu kun je af en toe afwijken van de regels als jij dat goed vindt en als het goed gaat. Merk je dat er problemen van komen, ga dan terug naar je regels. Je hond is dan meer gebaad bij duidelijkheid en begrijpt niet dat het soms wel, soms niet mag.
Hoe dominanter je hond, hoe belangrijker de regels zijn. Hoe onderdaniger je hond, hoe meer je de regels kunt versoepelen.
Bij een oudere hond met probleemgedrag begin je met de regels en zal je binnen twee weken een behoorlijke verandering in je hond zien. Voor de hond is het nu duidelijk waar zijn plek is. Door die duidelijkheid word je hond een stuk rustiger. Hou die duidelijkheid vast. Na een tijdje, als je denkt dat je hond eraan toe is, kan je wat versoepelen. Zie je dan het probleemgedrag terugkeren, houdt dan de regels strak. Daar voelt je hond zich duidelijk prettiger bij.
Mag een hond dan nooit op schoot?
Niet zolang de rangorde niet duidelijk is. Bij heel veel honden kan je na en tijdje de hond best eens op schoot nemen. Jij vraagt hem dan bij je en zet hem weer op de grond als je er genoeg van hebt. Jij leidt, jij beslist. De meeste honden kunnen als ze volwassen zijn prima een keer op schoot, een keer op de bank, eens voor je uit lopen zonder dat er probleemgedrag ontstaat.
Sommige honden hebben echter die duidelijkheid nodig en raken in de war als ze soms privileges krijgen die ze eigenlijk niet toebehoren. Kijk daarbij goed naar je hond.
Dit komt doordat het onderwerp niet meer recent is en in het hondenforum archief terecht ik gekomen.
Als je over "Mijn vader de baas?" wilt praten in het hondenforum dan kun je het beste een nieuw onderwerp aanmaken
Zoek je iets op de HondenPage ? Vul dan hier jouw zoekwoorden in ?