Geschiedenis van de Vizsla Draadhaar
Komt voor in twee variëteiten, Korthaar en Draadhaar. De Draadhaar is ontstaan in de jaren dertig van de vorige eeuw door kruisingen van de Korthaar met de Duitse Staande Draadhaar of de Poedelpointer.
Karakter van de Vizsla Draadhaar
Gezeglijk en aanhankelijk. Levendig, goedaardig, trouw en onbevreesd en zeer geschikt om te worden afgericht. Zijn karakter kan een grove behandeling slecht verdragen. Zeer geschikt als huishond.
Uiterlijk en rasstandaard
Herkomst
Een middelgrote, gele hond, sterk en iets groter dan de Korthaar. Stevig gebouwd, maar vertoont toch veel van de elegantie van de Korthaar.
- Schofthoogte
- reuen 58-62 cm, teven 54-58 cm
- Gewicht
- 22-30 kg
- Vacht
Zijn weersbestendige vacht biedt weerstand tegen koude en water. Aan de snuit is de beharing grof, aan de kin een kleine baard. Stugge en harde wenkbrauwen. Op de romp hard en dicht dekhaar met dichte onderwol. De kleur is zandgeel, in verschillende nuances.
Gebruik
Allround jachthond, die zowel het werk voor het schot (zoekwijze en voorstaan) als na het schot (apport) goed verricht. Werkt ook goed een zweetspoor uit. Speciaal geschikt voor zware landschappen, rietvelden en zwaar waterwerk.
Gezondheid
Fokdieren worden onderzocht het voorkomen van heupdysplasie.
Meer over de Vizsla Draadhaar
De harde vacht moet regelmatig worden geborsteld en een- tot viermaal per jaar worden getrimd, afhankelijk van de hardheid van het haar.
