Ik stond al op met het idee van: "Joepi, weer een dag zonder mijn hondje. Wat heb ik er veel zin in..." Wil ik vertrekken voor mijn wandeling, stopt er een politiewagen op de oprit. "U bent toch diegene met 2 Labradors?"
Ik: "Euch...nee, geen 2 Labradors, vroeger wel eentje maar nu geen meer.
Mijn hond is dood." Onderzoekende blik: "We hebben een dikke, blonde Labrador gevonden."
Ik, nogmaals: "Nee, mijn hond is dood." 
Blijft de agente aarzelen en me onderzoekend aankijken. Geef ik haar het adres van iemand in de buurt van wie de hond misschien is. Wederom, met een onderzoekende blik: "Maar het is toch een blonde Labrador, hé? Een dikke, blonde Labrador?
Nog even wat twijfelend treuzelen, toen is ze toch maar in haar auto gestapt.
Kon ik op wandeling vertrekken. Zonder dikke, blonde Labrador. Ik heb de hele wandeling door lopen huilen en ben er nog steeds niet goed van.
Mede hierom heb ik na Caedlih's dood (nu 5 maand geleden) doodskaartjes gemaakt. Omdat ik wel dacht dat het pijnlijk zou zijn als iemand me naar Caedlih zou vragen, in de veronderstelling dat ze nog leefde. Nu ik daadwerkelijk in die situatie gezeten heb, kan ik alleen maar bevestigen dat het inderdaad pijnlijk is.
Zonet schoot me te binnen waarom het gezicht van die politie-agente me bekend voorkwam: ze woont een straat verder en moet me ontelbare keren gezien hebben met mijn "dikke, blonde Labrador". Blijkbaar zit er op dit moment een evenbeeld van mijn hondje in het politiekantoor en was ze ervan overtuigd dat het mijn Caedlih was.



3 doggies




dat de agente niet vergeet...(zeker)













