" Normaal vraag ik hier niet zo snel omrent opvoeding. Maar wellicht zijn er toch mensen met 'De tip'.
Fudge is nu ruim 16 maanden oud. Geweldige hond maar oei oei oei wat een terriër puber. Ze is reuze slim en gedreven en dat gedreven is het gene wat nu een frustratie is momenteel.
Fudge heeft een obessie tegen katten ontwikkeld. Nog 10 graden erger dan Maylo. Maylo is tegenwoordig heel goed te corrigeren met een simpele 'nee' en is niet meer bewust bezig met de katten in onze buurt.
Fudge daar in tegen wel. Ze weet gewoon precies waar ze kunnen zitten en is alleen maar met de omgeving om zich heen bezig. Met name 1 bepaald stuk dan staat ze gewoon te rillen van opwinding en spanning.
Hierdoor hangt ze regelmatig in de lijn.
Dus als ze trekt draai ik me om en loop ik in een 8 figuur totdat ik weer der aandach heb. Of ik loop naar achteren en als ze de aandacht heeft dat ze naar mij loopt en weer 'volgt'. Krijgt ze een beloning. Maar mevr. Is reuze slim en doet dit nu uit automatiek en doet daarna gewoon weer der ding. Dus ik probeer der aandacht nu langer vast te houden. Ze zoekt naar de katten, en je ziet der heel onrustig zijn tijdens de wandelingen.
Iemand nog tips om der sowieso wat meer van mij bewust te maken, voordat ik der achter het behang plak (grapje natuurlijk). "
Even wat geknipt. Hoe is die obsessie langzaam erger geworden vraag ik me af. Later zeg je ook dat ze opgewonden de deur al uit gaat, en in dit beginstuk dat ze eigenlijk bij een aanlijnwandeling (in de wijk neem ik dan aan) direct in de zoekstand gaat.
Hier loopt een Hussel, idem die doet het op alles. Stijf in de riem en met name de focus op eventuele honden of katten, en tegenwoordig ook mensen. Die loopt al voor de baas uit stijf die poort uit, staart gespannen en kop alert, en aangezien het hier druk is met honden, katten, kinderen is er altijd wel een aanleiding voor die hond om tekeer te gaan.
Dat het een rastrekje is, betekent niet dat je dit gedrag niet meer zou kunnen doorbreken. Van mijn 2 nieuwste honden weet ik niet wat er in zit, maar bijvoorbeeld de jongste was ook enorm gericht op alles wat bewoog én de neiging om overal op af te vliegen, ook op honden die lelijk deden naar ons. En Chara was een kattengiller.. helemaal hyper bij het zien van een kat op straat, maar ook in begin onze eigen katten binnen.
Het blijven staren en zoeken naar potentiële aanwezigheid van katten op straat, daar ben ik eigenlijk vrij rap alert op geweest. Gezien dat de neiging tot vrij heftig kunnen reageren erin zat, maar toch zeker op straat waar ze toch aan de lijn ook moeten lopen heel duidelijk aangegeven dat ik dat gedrag niet ok vond. En hoe.. vind ik gewoon lastig. In begin vaak omgedraaid, aandacht vragen, weer omdraaien weer die richting op, eerder Nee zeggen en bij te veel opwinding wederom omdraaien en de andere kant opgelopen. Daarna dat weer verder uit kunnen breiden doordat ze wat meer opdrachten kenden, zoals een volg en een kijk, maar zeker ook dat ze mijn Nee begrepen bij hun gedragsverandering bij zien van een kat. En aan de lijn vond ik zoiets gemakkelijker aan te leren.
Op momenten later met wat meer lijn, en bijvoorbeeld het staren en sluipen richting watervogels kon ik kijken of mijn nee zou blijven werken.
Bij de laatste twee ging het vrij rap, die waren rond een jaar toen ik ze kreeg. Bij de herder waar ik eerder over sprak, die was 2,5 jaar oud met dat gedrag dus ingesleten. Bij haar heb ik langer tijd nodig gehad, en soms ook moeten werken met schrikeffect ketting/riem naast haar werpen om haar uit die focus van staren en jachtstand te krijgen. Dit laatste was na ca. 6 maanden toen ik wat meer lijn ging geven en zien of mijn stem effect begon te krijgen. Zo niet, dan was het onverwachtse afleidingseffect mijn laatste middel om haar toch uit die stand te krijgen en keek ze eigenlijk om naar mij en had ik haar aandacht weer.
Maar wat ik bij haar echt heb geleerd is proberen te voorkomen dat ze kunnen gaan, bij Bluf was dat zo zelf belonend, de adrenaline en de kick die het haar gaf om ergens achter aan te gaan was meestal hoger dan wat ik haar kon bieden.
En eenmaal weer een keer kunnen rauzen, betekende dat ik weer veel strakker op haar moest letten en haar ook weer minder vrije ruimte kon geven..