Ik heb even de karakters naast elkaar gelegd, hopelijk helpt dit bij jou keuze. Maar een hond die goed opgevoed is, heeft toch wel meestal een goed karakter. Je kan je ook nog altijd inlezen als je het echt niet weet.
De Duitse herdershond moet met betrekking tot het beeld van het karakter evenwichtig zijn, zenuwvast, zelfverzekerd, absoluut onbevangen en (met uitzondering van een prikkelsituatie) volledig goedaardig zijn, daarbij opmerkzaam en goed te leiden.
Hij moet moed, strijddrift en hardheid bezitten om als geleide-, waak-, verdedigings-, dienst- en herdershond geschikt te zijn.
Volgens de rasstandaard moet de Duitse Herdershond in zijn karakterbeeld evenwichtig, zenuwvast, zelfverzekerd, absoluut onbevangen en goedaardig zijn. Daarom moet hij zich gedragen als een betrouwbare, zelfbewuste en zelfverzekerde hond.
Zijn dienstbaarheid uit zich in veel werkdrift. Angst, schuwheid, agressie en een lage prikkeldrempel alsmede een overdreven dominante aard zijn volstrekt uit den boze. De Duitse Herdershond moet een handelbare hond zijn.
Gedrag / Karakter: de Belgische Herder is een waakzame en actieve hond, bruisend van vitaliteit en altijd bereid om tot actie over te gaan. Aan zijn aangeboren geschiktheid als bewaker van de kudden paart hij de kostbare goede eigenschappen van de allerbeste waakhond voor huis en erf. Hij is, zonder de minste aarzeling, de hardnekkige en vurige verdediger van zijn meester. Hij verenigt in zich alle vereiste kwaliteiten om een herders-, waak-, verdedigings- en diensthond te zijn. Zijn levendig en alert temperament en zijn zelfverzekerd karakter, zonder ook maar enige vrees of agressiviteit, moeten blijken uit de houding van zijn lichaam en de fiere en opmerkzame uitdrukking van zijn fonkelende ogen. Tijdens het keuren zal men rekening houden met een `rustig` en `onverschrokken' karakter.