Even ter informatie.
(1) Onderzoek in Engeland: Gecastreerde teven leven gemiddeld langer dan intacte teven, maar als je alleen kijkt naar honden die een natuurlijke dood zijn gestorven, dan blijkt dat intacte teven gemiddeld langer leven.
(2) Onderzoek onder 2002 honden in VS: gemiddeld leven gecastreerde honden langer dan intacte honden, maar het gevonden verschil is statistisch niet significant (en kan dus op toeval berusten).
(3) Onderzoek naar tumoren hart- en vaatstelsel bij honden: Gecastreerde teven hebben een meer dan 4 keer groter risico dergelijke tumoren te ontwikkelen dan intacte teven; het risico van hemangiosarcoma is zelfs meer dan 5 x zo groot. Conclusie van het onderzoek: Castratie verhoogt de kans op tumoren in hart- en vaatstelsel.
(4) Onderzoek onder 217 honden met miltkanker: Gecastreerde teven lopen 2,2 keer zoveel risico op miltkanker (hemangiosarcoma/hematoma) als intacte teven.
(5) Onderzoek osteosarcoma; risico voor gecastreerde honden is twee keer zo groot als dat voor intacte honden.
(6) Onderzoek naar factoren die het ontstaan van melkklierkanker bij honden bevorderen: Meer kans bij oudere teven, intacte teven of teven die na de leeftijd van 2,5 gecastreerd zijn; meer kans bij teven die al jong te dik zijn en bij teven die geen uitgebalanceerd voer krijgen.
(7) Idem, voeding in jeugd beïnvloedt kans op later ontwikkelen van mammaetumoren.
(8) Onderzoek naar tumoren in blaas-/urinewegen bij honden: Gecastreerde honden lopen meer risico.
(9) Tulsa Kankerregistratie honden/katten: van ruim 63000 honden had 1% tumoren (goed- en kwaadaardig). De meest voorkomende kwaadaardige kanker bij honden was melkklierkanker.
(10) Hypothyroidie (te trage schildklier): Castratie bleek de grootste risicofactor: gecastreerde honden lopen meer kans op schildklierafwijkingen dan intacte honden.
(11) Idem, bij gecastreerde teven was het verschil significant ten opzichte van intacte teven.
(12) Onderzoek naar (dodelijke) acute pancreatitis: Het risico van acute alvleesklierontsteking is hoger onder gecastreerde reuen en teven dan onder intacte teven.
(13) Idem (vergeleken met intacte reuen).
(14) Onderzoek naar incontinentie: gecastreerde teven lopen significant meer risico om incontinent te worden vanwege weefselveranderingen in de urinewegen onder invloed van hormonen.
(15) Idem: onder gecastreerde teven komt 8 x zoveel incontinentie voor als onder intacte teven.
(16) Idem: 20% van de gecastreerde teven wordt incontinent.
(17) Gescheurde kruisbanden: gecastreerde reuen en teven lopen meer risico dan intacte honden.
(18 Idem, onderzoek onder ruim 10700 honden: meer risico voor gecastreerde honden.
(19) Obesitas: Onder gecastreerde reuen en teven worden twee keer zoveel te dikke honden gevonden als onder intacte honden.
(20) Risicofactoren chronische keratitis (hoornvliesontsteking): Onder honden van 4 jaar en jonger, lopen reuen en gecastreerde teven meer risico dan intacte teven (verschil statistisch significant).
Je zou voorzichtig kunnen concluderen dat dierenartsen pup-eigenaars eerst bang maken met een verhaal over risico op mammaetumoren, ze dan de hemel beloven met het verlossende woord “vroege castratie”, maar daarbij verzwijgen dat
(a) het risico op mammaetumoren al heel erg klein is.
(b) dat door castratie het risico van allerlei andere vormen van kanker en overige ellende gigantisch toeneemt.
Vachtproblemen:
Castratie van reuen en teven (ook voor teven heet het officieel castratie) heeft niet onze voorkeur, tenzij het medisch noodzakelijk is. Dat heeft diverse redenen:
Castratie heeft een nadelig effect op de vacht. Zowel reuen als teven hebben door castratie vrijwel altijd trimbeurten nodig om de vacht onder controle te houden en te zorgen dat er geen klitten en vervilting optreedt. Bovendien maakt een castratenvacht, zoals het heet, uw hond er niet mooier op.