Spijtig dat u dit heeft moeten meemaken, is een nare ervaring
sterkte
Geld terug vragen en zeker zeggen waaraan het hondje is gestorven. Want:
Parvovirose is een besmettelijke ziekte bij honden die veroorzaakt wordt door een virus. Pups zijn er bijzonder gevoelig voor en krijgen dan ernstige diarree die binnen enkele dagen zelfs dodelijk kan zijn.
Een zeer besmettelijk virus
Parvovirose kan voorkomen bij alle honden, maar treft meestal pups tussen 6 weken en 6 maanden. De ziekte wordt veroorzaakt door een virus dat verwant is met het kattentyfusvirus. Uw hond kan besmet raken als hij de stoelgang van een besmette hond inslikt of op een plaats verblijft die ermee bevuild is. Het virus is zeer resistent in het buitenmilieu en kan er acht maanden overleven. Vandaar dat u besmette vertrekken goed moet ontsmetten vóór u er een nieuwe hond binnenlaat. Om het virus te doden dat in de omgeving aanwezig is, moet u bijtende soda, natriumhypochloriet of formol gebruiken. Een besmette hond kan het virus niet langer verspreiden zodra hij genezen is, d.w.z. ongeveer twee weken na het uitbreken van de ziekte.
Wisselende symptomen
De ziekte varieert met de leeftijd waarop de hond besmet is geraakt. Het virus nestelt zich immers bij voorkeur in organen die zich nog aan het ontwikkelen zijn en waarbinnen de cellen zich volop vermenigvuldigen.
Zo ontwikkelt bij pups jonger dan twee weken het virus zich vooral in het hart. Dat leidt tot een hartontsteking die tot plotselinge dood kan leiden. Deze vorm van de ziekte is zeldzaam, aangezien pups op die leeftijd nog beschermd worden door de antilichamen in de moedermelk, op voorwaarde dat hun moeder correct gevaccineerd is. Bij pups van meer dan twee weken zijn het de darmen die sterk groeien. Het parvovirus richt er dan ook ernstige schade aan, met als symptomen: braken, binnen 12 tot 24 uur gevolgd door zware diarree die zeer vaak bloed bevat. Deze symptomen leiden tot ernstige uitdroging. De pup is verzwakt, eet niet meer, heeft koorts en kan bloedarmoede krijgen. Na twee of drie dagen, of als de pup geen behandeling krijgt, kan de dood optreden. Haalt hij het, dan kan hij na zes dagen volledig genezen zijn. Besmette volwassen honden ten slotte krijgen meestal een volledig symptoomloze vorm van de ziekte.
Preventie en behandeling
Als parvovirose vermoed wordt, kan ze bevestigd worden door het virus op te sporen in de stoelgang. De zieke pup moet dan een infuus krijgen, om uitdroging tegen te gaan, en kan ook een antiviraal geneesmiddel krijgen, ook al gaat het hier om dure medicatie. In sommige gevallen zijn ook antibiotica noodzakelijk om een bacteriële superinfectie te voorkomen. Er bestaat een bescherming tegen het parvovirus in de vorm van een vaccin. Het moet worden toegediend na 12 en 16 weken, gevolgd door een jaarlijks herhalingsvaccin. In sommige risicosituaties kan het noodzakelijk zijn om pups al vanaf de zesde week in te enten met een speciaal, sterker gedoseerd vaccin. Vanaf die leeftijd zijn pups immers bijzonder gevoelig voor infecties, want de door de moeder overgedragen antilichamen beginnen te verminderen, waardoor de bescherming niet langer optimaal is. Toch blijft het aantal antilichamen voldoende hoog om te interfereren met het vaccin en het te beletten om te werken.
Anne Pensis, dierenarts, het tijdschrift: Gezondheid Huisdieren