Als het je teveel word, dan ga je met hem uit.
Wil niemand naar je luiseren, hij komt als je fluit.
Uitgaan, geen problemen met kleren.
Slecht weer kan hem niet deren.
Hij zegt nooit: "Dat lust ik niet".
Staat naast je in je verdriet.
Spreekt niet tegen.
Heeft nooit iets voor je verzwegen.
Geen slecht humeur in de morgenstond.
Het is jouw vriend, "jouw hond".
















