" Kendra, als ik je verhaal lees en je foto zie (van je honden, bedoel ik), dan zijn er twee dingen waar ik het moeilijk mee heb:
1. Jijzelf beweert dat je gefrustreerd raakt. NOOIT DOEN! (Ik weet het, je mag geen hoofdletters gebruiken, maar dit is echt wel belangrijk) Ik heb zelf ook zo'n periode gehad, het ging zo ver dat ik schreeuwde op mijn hond en de vissers achter mijn tuin begonnen terug te schreeuwen. Ik ben toen gekalmeerd en je gelooft het nooit: mijn hond ook! Je bereikt zoveel meer door kalm te blijven dan door gefrustreerd en zenuwachtig te worden (met alle verkeerde lichaamstaal vandien).
2. Je hebt blijkbaar twee honden: een ouder, klein keffertje dat geen seconde stilzit, en een grotere jonge hond die zich daaraan spiegelt, met alle gevolgen vandien.
Ik zou je persoonlijk aanraden om je honden regelmatig te scheiden (en niet met een deur ertussen, best een volledige kamer), dan kan je je met de opvoeding van de jongere hond beter bezighouden. Vergeet ook niet om genoeg geduld te hebben: ik heb er ooit eens een half uur over gedaan om tien meter te wandelen. Wat mij ook vaak helpt, zijn relaxatie-oefeningen (soms hebben die wel een omgekeerd effect, da's een kwestie van proberen). Ook belangrijk: je moet je hond constant in de gaten hebben: het heeft geen zin om hem te corrigeren als hij volop bezig is met kattekwaad uit te halen: zodra hij maar aanzet om iets verkeerds te doen, corrigeer je hem.
Wat bedoel je trouwens met dominant zijn? Mijn hond, bv., heb ik moeten leren om niet met zijn kop boven de tafel te komen. Dit deed ik door met mijn hand langs te rand van de tafel te bewegen, dan moest hij zijn kop wel intrekken. In het begin maakte ik die beweging een vijftal keren (één keer was genoeg, maar ik wilde het hem goed duidelijk maken dat hij het niet opnieuw moest proberen), na een vijftal seconden probeerde hij opnieuw, en ik opnieuw een vijftal keren bewegen, ..., en opnieuw, en opnieuw, en altijd zeggen "Nèèèn", "nèèèn", ..., maar zonder mij op te winden of mij kwaad te maken (voor mij was het een spelletje: wie gaat er plooien? Ik of jij? Ik toch niet, zeker.

) En inderdaad, na een paar keren had hij het begrepen.
Misschien kan je ook eens op een andere manier eten geven: je zegt zelf dat het eten er een ganse dag staat. In plaats daarvan: geef hem zijn eten, en als hij het niet opeet: pech gehad: het gaat op de gootsteen en hij krijgt het pas opnieuw na minstens een uur. Als hij begint te bedelen: foert! Jij bent de baas, jij beslist wanneer hij eten krijgt! Na een uur geef je hem opnieuw zijn eten, en als hij het niet opeet, weer van 't zelfde: dieren hebben een heel goed begrip dat diegene die eten geeft, diegene is die de baas is, misschien is het de beste manier om hem van zijn dominantie af te helpen.
"