Alles afwijkend van brok is al een verbetering op het geheel naar mijn bescheiden mening. Ik heb in een uiterst geval voor de hond gekookt jaren geleden toen hij een doorgebroken peri-anale fistel had, omdat die van binnenuit ontstaat en de endeldarm en weerstand dan vatbaarder zijn voor infecties. Naar gelang ik mijn hond en zijn leefpatroon goed ken, is volledig koken voor dit dier niet wenselijk. Soms heeft het 'nut', in veel situaties en vooral ervaring is koken naar mijn mening overbodig, maar ik vind niet dat koken per definitie 'slecht' is. Een menu kun je op die wijze opbouwen dat een hond alles binnen krijgt wat nodig is. Dan nog is gestoomd te prefereren boven koken, omdat dit iets minder inboet aan voedingswaarde. Dat enorm veel nutriëntenwaardes en enzymen- en bacteriefunctionalieteit gemist worden, is een feit en zal je bij een volledig gekookt menu moeten supplementeren om de lading te dekken. Ik vind dat hoe verder je van de hond zijn natuur af gaat staan, des te meer problemen creëer je onbewust voor het dier in kwestie.
Voor wie het interessant vindt:
From the desk of Mogens Eliasen, for immediate release This article may be reprinted without further permission when brought in its entirety, including the bio the end. June 05, 2003
Waarom gekookt hondenvoer allergieën en ondervoeding kan veroorzaken…
(Dit artikel is ook verkrijgbaar als Words.doc)
Geschreven door Mogens Eliasen, 5 juni 2003.
Vertaling: Ignit Bekken.
Wie heeft er wel eens gezien dat een wolf zijn potje kookt bij het kampvuur? Wanneer we voedingsmiddelen verhitten, wordt de chemische samenstelling daarvan drastisch veranderd. Mensen koken hun eten omdat we voeding eten waar we biologisch niet op ingesteld zijn. We kunnen geen rauw vlees verteren – wel gekookt vlees… Honden zijn carnivoren. Ze zijn ingesteld op de vertering van rauw vlees – en ze kunnen niet zo goed overweg met gekookt eten…
De chemische spijsvertering
Eiwitten zijn grote moleculen – combinaties van duizenden atomen. Ze zijn zo groot dat ze niet door de semi-doordringbare darmwand heen kunnen om opgenomen te worden in de bloedbaan. Ze moeten eerst afgebroken worden tot kleinere moleculen, soms zelfs tot de kleinste bouwsteentjes van eiwitten – de aminozuren (ongeveer 10-100 atomen). Zo ver gaat het verteringsproces echter vaker niet dan wel. Het lichaam is niet in staat om alles op te bouwen uit aminozuren. De "eiwitfracties" die geproduceerd worden tijdens het spijsverteringsproces zijn dan ook een heel goed en passend "compromis" tussen de hele eiwitmoleculen (die te groot en te gecompliceerd zijn voor gebruik) en enkelvoudige aminozuren (die daar te klein voor zijn).
Elke diersoort heeft zijn eigen unieke "eiwitfracties" (meestal een paar honderd atomen). Ze vormen een delicate balans tussen de voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft en goed kan benutten, en de specifieke chemie die de enzymen in de maag leveren wanneer ze toegang krijgen tot het natuurlijke voedsel.
Je kunt je een voorstelling maken van een enzym als een "handje" dat een stukje van de grote eiwitmolecule pakt en afbreekt. Dit stukje is nu een "eiwitfractie" geworden met een unieke chemische structuur. Het enzym gaat hier mee door tot er geen stukjes meer aan de eiwitmolecule zitten, die hij kan pakken.
Er zijn duizenden verschillende enzymen. Elk van ze is uniek. Elk van ze valt een bepaald gedeelte van een eiwitmolecule aan.
Elk enzym moet eerst vinden wat bij hem past om het van de grote eiwitmolecule te kunnen "afbreken". Alle enzymen samen breken alle eiwitten af tot "eiwitfracties" die klein genoeg zijn om opgenomen en getransporteerd te kunnen worden door het bloed. Deze fracties zijn bijzonder uniek en passen precies bij wat het lichaam nodig heeft. Elk enzym produceert zijn eigen "fractie" van een adequate voedselbron. Als de voedselbron niet correct is, kan hij ook niets produceren, zelfs al lijkt het alsof de voeding "alle fundamentele voedingsstoffen" bevat in de vorm van alle juiste aminozuren…
Verhitting van eiwitten – afbraak van de structuur
Het enzymatische afbraakproces lijkt een beetje op wat er gebeurt wanneer je eiwitten verhit. De algemene betekenis van hitte is "het aanleveren van moleculaire energie". Deze energie wordt door de eiwitmoleculen opgenomen door te bewegen. Ze trillen en draaien. Hoe meer hitte, hoe sneller ze bewegen.
Welnu, wanneer je begint te schudden en te draaien met een grote "lompe" moleculaire structuur zoals een eiwit, dan valt hij in stukken uit elkaar. Letterlijk. Wanneer je die stukken laat afkoelen, hergroeperen ze zich niet, omdat ze van elkaar gescheiden zijn… vandaar de onherstelbare, structurele verandering door het koken.
Veel van de stukjes die ontstaan bij verhitting, zijn nu klein genoeg om door de darmwand heen te dringen zodat ze worden opgenomen in het bloed. Andere bevatten nog delen die op juiste manier verder bewerkt kunnen worden door enkele van de enzymen, in ieder geval gedeeltelijk. Er kunnen zelfs nog stukjes zijn die identiek zijn aan degene die gemaakt werden door de enzymen toen alleen zij aan het werk waren – maar dat is een uitzondering…
Het lichaam zal tot op zekere hoogte best nog wel gebruik kunnen maken van al deze fracties. Het zal ook best wel in staat zijn om een manier te vinden om deze "andere" fracties te benutten. Het zou echter wel wat stress kunnen veroorzaken…
Het probleem is dat een mengsel van eiwitfracties die geproduceerd zijn door het koken met eiwitfracties die geproduceerd zijn bij de enzymatische vertering, NIET hetzelfde is dan wat er geproduceerd wordt door alleen de enzymen…
Het is gedocumenteerd dat er een aantal vitale bestanddelen ontbreken (minstens 30 bekende chemische "eiwitfracties", ook wel "missing links" genoemd, zijn van vitaal belang voor honden, zoals vitamines voor jou en mij – en deze "missing links" zijn niet aanwezig in met hitte bewerkt vlees.)
Waarom sommige honden allergieën krijgen van gekookt vlees…
Er worden ook bestanddelen gegenereerd die niet passen bij het metabolisme van het lichaam maar ze zijn klein genoeg om opgenomen te worden in het bloed… Het zouden wel eens allergenen kunnen zijn!
Dit risico is vooral groter geworden omdat er bij verhitting veel "eiwitfracties" voortgebracht worden die identiek zijn – en daarom in grote aantallen voorkomen. "Groot" in vergelijking met wat het lichaam aan kan op het gebied van de verwerking van inadequate eiwitten. Er is niet veel voor nodig om de drempel van het immuun systeem wat betreft "reden tot zorg" te overschrijden – en je maakt een allergische uitbraak mee als resultaat van het voeren van gekookt vlees, hetgeen in werkelijkheid niets anders is dan een overdreven reactie van het immuun systeem op een vreemde stof waar het op geen enkele andere manier mee om kan gaan…
Stolling
Er is nog een groot verschil tussen rauw en gekookt. Veel eiwitten zullen bij verhitting niet alleen in kleine stukjes uit elkaar vallen, maar deze kleine stukjes zullen zich in bepaalde gevallen ook hergroeperen en een stof vormen die op een plastic polymeer lijkt. Er is nog een groot verschil tussen rauw en gekookt. Zo wordt het originele eiwit getransformeerd tot een andere grote molecule die al dan niet gemakkelijk aangepakt kan worden door de enzymen.
Iets dergelijks kan ook gebeuren bij het drogen.
De klassieke voorbeelden zijn eigeel en bloed. Eigeel stolt bij verhitting en wordt een vaste stof die nog steeds veel van de originele bouwelementen van het rauwe eigeel bevat, maar niet allemaal. Daar komt nog bij dat de structuur helemaal veranderd is door de polymerisatie, en er is geen enkele mogelijkheid om het originele eigeel ooit nog terug te krijgen…
Idem dito bij bloed, behalve dat hier de stolling veroorzaakt wordt door een gecombineerde uitwerking van het drogen en het contact met de zuurstof in de lucht. Zoals moeders wel weten, wordt een bloedvlek niet vloeibaar wanneer je water toevoegt…
Het gecombineerde effect van dit alles
Afbraak door verhitting heeft ook wel wat positieve effecten: het vergemakkelijkt bepaalde onderdelen van het verteringsproces en het vereist minder werk van de enzymen omdat het kookproces al een deel van hun werk deed bij de afbraak van de grote eiwitmoleculen in de voeding. Maar de prijs die betaald wordt is een tol op de beschikbare voedingsstoffen en de creatie van bepaalde voedingsstoffen die helemaal geen adequaat voedsel zijn…
Voor mensen die niet geschapen zijn als carnivoren en vlees willen eten is dit goed nieuws – hierdoor kunnen wij vlees eten! Maar voor een hond die geschapen is om rauw voedsel te eten, is het ronduit desastreus.
Stolling alleen al maakt duidelijk waarom bepaalde voedingsstoffen "verdwijnen" wanneer je het eten kookt. Maar beide processen werken er aan mee. Persoonlijk denk ik dat de combinatie van beide het totale effect tot stand brengt. De conclusie ligt voor de hand: kook geen eten voor je hond!
Mogens Eliasen
-------------------------------------------
Mogens Eliasen draagt de wetenschappelijke titel Mag. Scient in de Chemie van de Århus Universiteit in Denemarken en hij heeft 30+ jaar ervaring met honden, hondenbezitters, hondentrainers en holistische dierenartsen als begeleider en ontwikkelaar van educatieve methoden, en in het houden van lezingen. Hij geeft een gratis nieuwsbrief uit, "The Peeing Post", met tips en adviezen waar allerhande problemen aan de orde komen, maar vooral training, gedragsproblemen, voeding en gezondheidszorg. Stuur een mailtje naar [email protected] voor meer info over Mogens Eliasen en voor links naar andere artikelen die hij heeft gepubliceerd.
Bron: Rauwe voeding voor honden ebook