Mijn vader wel. Hij is best rechtlijnig in zijn gedachten.
Zijn leven lang had hij nooit een huisdier gehad. Hij houdt niet van katten, honden vindt hij wel leuk.
Als hij een huisdier zou nemen, zou het een hond worden. En als er een hond kwam, zou het een échte hond zijn. Een échte hond is bij mijn vader een grote hond van minimaal formaat labrador.
Het toonbeeld van een mooie grote hond is voor m'n pa een herder.
Dus toen wij een hond namen, werd het een herder uit het asiel. Per toeval was het een Zwitserse witte herder.
Toen Charlie, onze witte herder, overleed, wilde m'n pa weer een hond. Zijn toonbeeld van de perfecte hond heeft inmiddels een klein detail erbij gekregen: een witte vacht.
Voor m'n pa zijn witte herders het summum van wat een hond moet zijn. Als hij na Mike een nieuwe hond moest uitkiezen, werd dat opnieuw een witte herder.




Ik zou hem graag adopteren maar het mag helaas niet.
