Hey Monique,
Door een aantal dingen uit je verhaal denk ik het volgende:
Cambell krijgt bepaalde privileges die normaal gesproken alleen een leider zou krijgen, hij gedraagt zich soms als ranghogere en komt daarmee weg. Daardoor voelt Cambell zich 'opgezadeld' met de rol van leider, een rol die hij helemaal niet aan kan. Daar komt dan de onzekerheid om de hoek kijken.
Bij onrust in de roedel vertoont hij duidelijke hoge stresssignalen, zoals het plassen in huis.
Ik denk dat Cambell gebaad is bij heel veel duidelijkheid.
Als eerste heb ik daarom de vraag: wat is voor Cambell een echte beloning? Is dat mischien een stukje gekookte kipfilet of zijn favoriete speeltje? Zoek een paar dingen uit die hij echt als beloning ziet. Maar bijvoorbeeld ook een kriebelplekje achter zijn oor wat hij heerlijk vindt.
Deze verschillende dingetje kun je gebruiken om hem te laten weten als hij iets goed doet.
Om duidelijkheid te krijgen zijn er zes regels die laten zien wie de leider is:
1. Degene die voorop loopt is de roedelleider.
Dat betekend dat je ligte lijn van zo'n 2 meter gebruikt. De seconde dat Cambell voor je uit loopt draai jij 180 graden om en loop je die kant uit. Loopt hij netjes naast je, dan zeg je op een hele vrolijke toon, jaaa goed zo! braaaave hond!
Loopt hij even voor je uit, zeg je niets, maar draai je 180 graden om en loop je verder. Blijft hij achter dan ga je een stukje rennen.
Zie je dat hij bij een bochtje naar links wil, dan kies je voor rechts. Jij leidt!!
Loop ook zo vaak mogelijk een andere route, ga de ene keer recht, de ander keer links. Als Cambell op jou let is het een hele brave hond en krijgt hij een beloning!
Zo hoeft hij zich in het vervolg niet meer druk te maken waar je naar toe gaat, zolang hij jou in de gaten houdt is hij altijd veilig.
Bij smalle doorgangen ga jij dus ook altijd als eerste. Denk aan deuren.
Hier horen ook verstopspelletjes bij als hij los is. Hij rent voor je uit, je draait je om en rent hard de andere kant uit. Komt hij achter je aan, dan is hij heeel braaf!
Let hij niet op, dan verstop je je achter een boom. Met een fluitje kun je hem jouw kant op lokken.
2. De roedelleider begint en eindigt het spel.
Vanaf nu haal je alle speeltjes binnen weg. 1 speeltje mag je laten liggen. Naar dat speeltje kijk je niet meer om, die is helemaal van Cambell. Ruil dat speeltje ongeveer 1 keer per week om met een speeltje uit de kast.
Heb jij zin om te gaan spelen, dan pak je een speeltje uit de kast en ga je daar mee spelen. Als Cambell geen interesse toont, ga je eerst zelf spelen met het speeltje, op gooien, vangen, erachter aan rennen en allemaal geluidjes maken als prrr en jaaa en wooeeiii! Op een hoge(re) toon. Komt Cambell interesse tonen dat daag je hem uit om mee te spelen.
Als jij klaar bent met spelen (en hou daarom eerder op dan Cambell of speel zelf nog even door) dan pak je het speeltje, zeg je op een neutrale toon 'klaar' en berg je het speeltje weer op.
3. De ranghogere eet als eerst, daarna de ranglagere.
Dit houdt in dat als je staat te koken, cambell daar niet bij in de buurt mag zijn.
Als jij klaar bent met eten, ruim je alles op en dan krijgt cambell te eten.
Eet jij nu pas om 8 uur en krijgt cambell altijd om 5 uur te eten, dan maakt het niet uit.
Het gaat erom dat als er eten wordt bereidt jij als eerst eet. Dus niet als je aan het koken bent en van de hond af wil hem maar alvast te eten geeft (dan is hij lekker rustig
).
4. De ranghogere is altijd hoger geplaatst dan de ranglagere (letterlijk).
Dit houdt in dat Cambell niet (meer) op de bank en op bed mag. Cambell zijn plaats is op de grond, met vier pootjes. Let ook op bij het spelen op de grond.
Als alle regels straks helemaal duidelijk zijn dan is het echt niet erg als je een keertje op de grond gaat liggen kroelen of als jij hem vraagt op de bank te komen. Maar dan geldt wel: jij leidt, dus jij zegt waarneer het mag en stuurt hem ook weer weg als jij ermee klaar bent.
5. De ranglagere meldt zich bij de ranghogere als de ranghogere daarom vraagt.
Dit betekend dat je heel selectief moet worden met je aandacht. Komt Cambell zelf aandacht vragen dan negeer je hem. Als je hem aandacht wil geven, roep jij hem naar je toe en geef je hem aandacht.
Zo wordt het ook veel leuker om bij je te komen, want als je roept, is dat altijd om iets leuks!
Stel je maar voor dat iemand jou de hele dag over je arm aait, en zegt: oh ik ben zo dolll op je, ohw wat hou ik van je!
En dat 100 keer op een dag. Als diegene je dan roept en jij bent net even bezig, dan denk je, nou jij komt zo wel aan de beurt, ik ben even met iets anders bezig!
6. De ranglagere moet plaats maken voor de ranghogere.
Hierbij kun je denken aan een roedel wilde honden of wolven. Als je dat ziet in een documantaire dan zie je altijd dat alfa-paar door de groep heen lopen, met hun koppen omhoog. De rest staat er omheen en probeert hun bek te likken. Ze staan allemaal lager dan het alfa-paar en ze gaan allemaal voor ze aan de kant.
Een ranglagere gaat dus nooit op paden liggen waar telkens wordt gelopen, of bij ingangen of doorgangen.
Wat je daartegen kunt doen is het je hond lastig maken als hij ergens anders ligt dan op zijn plaats. Zoals je tegen je dochter waarschijnlijk ook zegt: slapen doe je in je slaapkamer en niet op de bank!
Als hij dus ergens gaan liggen, moet jij daar net even zijn. Je schuifeld met je voeten naar die plek en stoort hem. Je zegt niets, je moet daar gewoon toevallig even zijn. Gaat hij ergens anders liggen, dan moet je daar net even zijn. Ook onder de salontafel en onder de eettafel. Gaat hij na drie keer verliggen in zijn mand liggen dan laat je hem verder met rust. Zo wordt zijn mand ook duidelijk zijn 'kamer' en zal hij hem minder snel bevuilen.
Ook met kleine kinderen over de vloer is dit heel veilig! Je kunt aan kinderen namelijk makkelijk uitleggen dat ze nooit bij de mand mogen komen.
Een hond rust namelijk ook met de ogen open, een kind denkt dan 'hij slaapt niet, dus ik mag erbij'. De hond is al tien keer gaan verliggen, is het zat en zegt hap.. Goed te voorkomen door een hond te leren waar hij wel mag slapen of rusten.
Dat wat betreft de regels.
Wat betreft het binnen plassen en poepen, ik zou het helemaal niet meer bestraffen. Ruim het op en laat het verder. Wat je nu krijgt is dat Cambell het 'stiekem' achter de bank gaat doen. Hij weet niet dat het niet binnen mag, hij weet alleen dat als hij het doet waar jij bij bent het niet mag.
Je hebt al een gt in huis gehad lees ik. Dit kun je natuurlijk allemaal lezen en toepassen, maar ik zie het allemaal niet in het echt.
Misschien heb je meer aan begeleiding thuis en kun je eens om je heen kijken of er bij jou in de buurt een goede gt zit.
Groetjes en veel succes,
Margje