een keer onweerde het heel erg. ik lag in bed. sheila zat op de bank en baloe in de bench. we hadden een tent op de oprit staan, die ging bijna de lucht in. ik was bang en mijn zusje ook. we belden de buren, die kwamen er zo snel mogelijk aan. hij deed de deur open. wij waren inmiddels al beneden. michelle deed de deur open, maar werd weggedrukt door sheila die wegrende. toen ze aan het einde van de oprit was keek ze naar me, ik was helemaal overstuur en bang en ik schreeuwde en huilde, sheila merkte dat ik bang was en rende snel weer naar binnen. ze merkte dat ik heel bang was en echt niet wou dat ze wegrende. sinsdien kijkt ze altijd voordat ze wegloopt of ik bang ben en huil en schreeuw. meestal roep ik haar wel terug maar loopt ze toch wel weg omdat ik niet huil.


