6.2 Ontstaan van Clickertraining
De clickertraining is oorspronkelijk ontstaan voor het trainen van dolfijnen.
Een dolfijn trainen vraagt wat aanpassingen, straffen van een dolfijn als hij iets niet goed doet is erg lastig, een slipketting is geen optie en hoe krijg je een dolfijn dan zover dat hij in het midden van het basin door een hoepel heen springt door hem te straffen als hij dat niet doet?
Toen is er bedacht om dolfijnen te trainen door middel van een fluitje. Als het fluitje gaat, krijgt de dolfijn een vis, de beloning voor de dolfijn.
De trainer zet een grote emmer met vis neer en heeft in het basin een dolfijn. De dolfijn blijft aan het randje van het basin, want die ruikt vis! De trainer reageert echter totaal niet. De dolfijn blijft even opletten, maar als er dan niet gebeurt, zwemt hij maar weg. Op dat ogenblik fluit de trainer, waarop de dolfijn komt terugzwemmen voor zijn vis.
De dolfijn blijft weer even hangen, er wordt blijkbaar toch vis uitgedeeld! Er gebeurt niet meer en de dolfijn zwemt weer weg en weer op dat moment fluit de trainer en krijgt de dolfijn weer een vis. De dolfijn begint het door te krijgen, moet ik soms wegzwemmen om een fluit en dus een vis te krijgen? De dolfijn gaat proberen en zwemt weer weg, weer is daar die fluit en de vis! De dolfijn heeft uitgevonden wat er van hem verwacht wordt.
De trainer heeft de dolfijn geleerd weg te zwemmen, en kan hier nu commando aan ga koppelen.
De volgende stap is om de dolfijn te leren verder weg te zwemmen tot in het midden van het basin. Dit doet de trainer door niet meer te fluiten voor een paar meter wegzwemmen, dit zet de dolfijn weer aan het denken. Hij zwemt een paar meter weg, maar er gebeurt niets! De dolfijn gaat daarop ander gedrag laten zien, komt misschien een keertje terugzwemmen, zwemt dan weer weg, met extra nadruk, om goed op te vallen, als de dolfijn ook maar een meter verder zwemt dan voorheen, gaat de fluit en krijgt de dolfijn weer een vis. Zo wordt het gedrag van de dolfijn uitgebouwd, we noemen dat gedrag ‘shapen’.
Om de dolfijn zover te krijgen dat hij in het midden van het zwembad een sprongetje maakt, wacht de trainer tot de dolfijn ver genoeg is weggezwommen, maar fluit dan niet. De dolfijn snapt hier niets van! Wat hij deed leverde hem net nog een vis op! Maar de trainer weet, dat er altijd een gedrag volgt. De dolfijn wil goed laten zien dat hij daar midden in het zwembad is, zodat hij zijn fluit en dus zijn vis krijgt. Het eerste gedrag dat de dolfijn daar in het midden laat zien, wat lijkt op een sprongetje, is daarom een meteen een fluit en dus een vis waard.
Op deze manier worden dolfijnen nu al tientallen jaren getraind.
In Amerika is deze training eind jaren ´90 omgezet in een training voor honden. In plaats van een fluit is er gekozen voor een ´click´ als geluid. De clicker is een plastic houdertje met daarin een stukje metaal wat ingeduwd kan worden. Als je het metaal induwt dan hoor je een klik, vandaar de naam: clicker.
?
6.3 De clickermethode
De clickermethode houdt in dat de hond getraind wordt met een clicker in plaats van met de fluit die bij dolfijnen wordt gebruikt. De hond krijgt ook geen vis, maar iets wat voor de hond een beloning is, zoals een hondensnoepje .Het geluidje van de clicker word voor de hond een voorbode voor iets lekkers.
Uw hond leert dus heel snel dat het gedrag wat hij laat zien op het tijdstip dat hij het
geluidje hoort, gedrag is wat beloont zal worden!
6.3.1 Het intrainen van de clicker
Uiteraard weet uw hond niet meteen dat de klik die hij hoort betekend dat hij wat lekkers krijgt. Daarom gaat u eerst het geluidje aan het lekkers koppelen. Dat doet u als volgt:
- Lijn uw hond aan en pak een bakje met brokjes.
- Ga op een stoel of op de bank met uw hond voor u zitten.
- Klik en geef de hond wat lekkers.
- Herhaal dit achter elkaar zo’n tien tot vijftien keer.
- Doe dit een uurtje later weer.
Al snel zult u zien dat nadat u een klik heeft gegeven, uw hond opkijkt naar u met een blik van ‘waar blijft mijn brokje?’. Op dat moment is de clicker ingetraind en kunt u ermee aan de slag.
Vanaf nu is het dan ook zo, dan na iedere click ook echt een brokje volgt. Er mag maximaal tien seconden zitten tussen de click en het brokje, de hond koppelt de twee binnen de tien seconden alsnog aan elkaar.
De clicker gebruik je alleen voor het aanleren van een nieuwe oefening. Als een hond een commando heel goed begrijpt hoef je niet meer elke keer te klikken. Toch moet je af en toe belonen, want gedrag dat helemaal niet meer beloont wordt, dooft uit. Als je baas je salaris niet meer stort, ga je ook niet meer naar je werk.
?
6.3.2 Werken voor eten
Het is de bedoeling dat de hond gaat werken voor zijn eten. Hij krijgt zijn voer niet meer uit de voederbak. Voer kan de hele dag door op verschillende tijdstippen verdient worden. Dit gaat verveling tegen en je hebt de aandacht van je hond. Hij wil graag eten en volgt jouw aanwijzingen om zijn eten te verdienen. Heeft een hond geen trek? Dan heeft het ook geen zin om te trainen. Als wij genoeg geld hebben, gaan we ook niet werken, in ieder geval niet hard. Je hond is als het ware ‘Miljonair’, om met hem te gaan trainen moet je hem ‘failliet’ verklaren, zodat hij voortaan wel voor je wil werken.
Het moeten werken voor eten is heel natuurlijk, de hond is in het verleden niet anders gewend. Heel veel honden vandaag de dag vervelen zich, omdat er te weinig gebeurt waarmee ze ook hun hersenen moeten gebruiken. Door een hond te laten werken voor zijn eten, dat kan door middel van trainen of bijvoorbeeld met zoekspelletjes, wordt de hond ook geestelijk moe en heeft u een tevreden hond die zich niet verveelt.
?
6.4 Leren bij honden
Honden leren net als mensen vaak door middel van associatie. Door telkens ‘goed zo’ te zeggen en een brokje te geven als de hond zit, leert de hond dat hij door te zitten, hij iets lekkers krijgt. Doordat we er telkens ‘zit’ bij zeggen leert de hond wat zitten is.
Dit is een positieve manier van leren. Leren door associatie kan ook gebeuren met een negatieve ervaring. Als wij bijvoorbeeld onze vingers aan een hete kachel branden, letten we de volgende keer beter op als we daarbij in de buurt komen. Zo werkt dit ook bij honden.
Leren door associatie wordt ook wel: conditioneren genoemd. Er zijn twee verschillende vormen van conditioneren. Klassiek conditioneren en operant conditioneren.
6.4.1 Klassiek Conditioneren
Bij klassiek conditioneren (waar de a van actief in zit) is de trainer zelf actief bezig.
Zoals bij de oefening ‘zit’. Met een brokje lokken we de hond in de positie waarin we hem willen hebben, als hij die positie gehaald heeft, belonen we hem pas. De baas is dus actief bij deze vorm van trainen, we lokken de hond in de positie waarin we hem willen hebben. Soms is in 1 keer het behalen van de gewenste positie niet haalbaar. We breken de oefening dan in kleine stukjes en belonen bij ieder klein stukje wat we behaald hebben, pas dan gaan we verder met het volgende stukje, dit noemen we shapen.
6.4.2 Operant Conditioneren
Bij operant conditioneren (waar de p van passief in zit) is de trainer zelf passief, die doet niets, maar wacht alleen af. De trainer wacht net zo lang totdat de hond een gedraging laat ziet die de trainer graag wou zien. Op het moment van dat gedrag laat de trainer een geluidje horen, bijvoorbeeld de klik. Na de klik volgt wat lekkers. De hond gaat uit zichzelf het gedrag wat beloond werd met een klik en wat lekkers, vaker laten zien, waarna je er een commando aan kan koppelen. Omdat de hond zelf veel moet nadenken is het belangrijk om altijd te beginnen in een prikkelarme omgeving, zoals de woonkamer. Alle oefeningen worden dus altijd eerst ingetraind in de woonkamer, waar er weinig tot geen afleiding is!
?
6.5 Stapjes
Bij het aanleren van oefeningen maken wij in deze cursus gebruik van zowel klassiek als operant conditioneren.
De twee oefeningen voor de eerste les zijn het rechts kijken en het draaien om de eigen as, de ‘twist’.
Het rechts kijken wordt aangeleerd door middel van operant conditioneren. De twist wordt aangeleerd door middel van klassiek conditioneren.
6.5.1 Rechts kijken
Om een oefening aan te leren maken we gebruik van stapjes. Een hond kan niet ineens helemaal naar rechts kijken. Daarom maken we voor elke oefening die we leren een stappenplan.
Om het rechts leren te oefenen, doen we als trainer niets, we zijn passief.
We hebben alleen een bak met brokjes en de clicker. De hond staat voor ons aan de lijn, in de woonkamer. We wachten, als de hond zijn kop ook maar een tikje naar rechts beweegt, klikken we en belonen we daarna. Heeft de hond dit door, dan klikken we niet meer voor dat ene tikje naar rechts, maar willen we dat de hond zijn hoofd ietsje verder naar rechts beweegt.
Uiteindelijk klikken we alleen nog maar voor het hoofd volledig naar rechts. Dit proces heet ‘het shapen van gedrag’.
6.5.2 Twist
De twist leer je aan door middel van klassiek conditioneren. Je bent dus als baas actief bezig. Je lokt je hond in een rondje.
De hond draait niet in 1 keer een heel rondje. Lok de hond daarom eerst een kwart, dan een helft , dan drie kwart en dan pas helemaal in een rondje. Bij iedere stap klik je en beloon je de hond. Elke stap oefen je totdat het helemaal goed gaat, pas dan ga je naar de volgende stap.
?
6.6 Belonen
Om de hond te laten weten dat hij iets goed heeft gedaan geven we hem een beloning.
Let hierbij goed op waarmee u beloont! De beloning is pas een beloning als het ook een beloning voor de hond is!!
Voor veel honden is een aai over hun bol of een vriendelijk woord helemaal geen beloning, maar heel normaal. Bedenk dus altijd een aantal dingen die voor uw hond een beloning zijn. Dit kan zijn voer, maar ook bijvoorbeeld even spelen met de baas. Bedenk zo’n vijf dingen die voor uw hond een beloning zijn.
Varieer in uw beloning, voor extra goede prestraties geeft u ook wat extra lekkers. U kunt varieren in soort eten, maar ook in aantal. Voor een heel mooi uitgevoerde oefening geeft u bijvoorbeeld een hele hand voertjes in plaats van 1 brokje.
?
6.7 Omgeving
Een hond leert in stapjes, telkens als hij een stapje onder de knie heeft, gaan we een stapje verder. Dit noemen we de trap van gedrag.
Bij het aanleren van een oefening heb je altijd te maken met deze stapjes, maar u heeft ook te maken met de omgeving. De hond kan misschien heel goed zitten op commando in de woonkamer, maar buiten op het speelveldje is dit een hele andere situatie! De hond moet daar weer de zit leren.
Als de situatie waarin u traint veranderd kunt u twee dingen doen: of een stapje omlaag in de trap van gedrag, of de beloningswaarde aanpassen. De hond gaat voor zijn eigen voer thuis wel zitten op commando. Komt u op cursus, dan zijn er zoveel dingen om hem heen die hem afleiden, dat de beloningswaarde aangepast moet worden om zijn aandacht erbij te houden. Neem daarom verschillende soorten voer mee naar de cursus.
Wij gaan ook dagelijks naar ons werk en doen dit voor een vast salaris. Moeten wij dezelfde werkzaamheden plotseling in een heel andere omgeving uitvoeren, dan presteren wij ook minder goed. Krijgen wij voor die uren in de andere omgeving meer betaald, dan is onze motivatie om ons te concentreren een stuk hoger, waardoor er betere resultaten worden geleverd.
?
6.8 Stresssignalen
Voor goede trainingsresultaten is kort oefenen het beste. Hou het bij 1 soort oefening per sessie en maak die sessie niet langen dan vijf tot acht minuten. Dit is de tijd die honden zich kunnen concentreren op 1 taak. Als u een nieuwe oefening aanleert begin dan ook altijd in een zo rustig mogelijke omgeving, zoals binnen in de woonkamer.
De hond kan bij teveel stress de volgende gedragingen gaat vertonen:
- Krabben
- Gapen
- Uitschudden
- Bek likken
- Tongelen
- Hijgen
Een keer krabben of een keer gapen is helemaal niet erg. Een mate van stress is nodig om te leren. Ziet u dat de hond dit gedrag een paar keer herhaalt, dan bent u eigenlijk te lang door gegaan met trainen of is de oefening te moeilijk. De hond begrijpt het niet meer.
Ga dan een stap terug in de oefening en sluit altijd positief af. Hou er voor de volgende keer rekening mee, dat u niet te lang doorgaat of te grote stappen neemt.
Als u doorgaat met trainen terwijl het stressniveau van de hond hoog is, bereikt u daar ook niets mee. Bij een hoog stressniveau blokkeert het leervermogen en leert de hond alleen maar dat trainen niet zo leuk is. Stop daarom op tijd.