Zoeken:

Login

Je bent niet ingelogd

Naam:

Wachtwoord:

Schafpudel

Niet voldoende informatie over de Schafpudel

De volgende items bevatten geen informatie. Heb jij ontbrekende informatie over de Schafpudel ? Dan kun je dat toevoegen

  • Rasgroep
  • Verzorging
  • Opvoeding

Afbeeldingen

Geen foto's gevonden voor Schafpudel

Je kunt een foto toevoegen

Video

Schafpudel video

Rasgroep van de Schafpudel

Geen Rasgroep gevonden voor de Schafpudel gevonden.
Weet jij tot welke Rasgroep de Schafpudel behoort ? Dan kun je dat toevoegen

Geschiedenis van de Schafpudel

De voorvaderen van de Schafpudel reiken terug tot in de vroege middeleeuwen: zij werkten als schaaps- of waakhond. Hoe oud het ras ook is, tegenwoordig wordt dit ras met uitsterven bedreigd. De A.A.H. (een werkgroep voor de fokkerij van oud-Duitse hondenrassen) doet onderzoek naar de geschiedenis en perspectieven van dit behoudenswaardige cultuurgoed.

Zelfs in deze moderne tijd, wanneer men een Schafpudel bij de kudde zijn werkzaamheden ziet verrichten, krijgt men snel een indruk van het enthousiasme, dat de hond uitstraalt. Het is de bijzondere uitdrukking van concentratie en gespannen oplettendheid van de Schafpudel. Daarnaast bevestigt het mooie haarkleed de vloeiende bewegingsafloop van de hond.

Karakter van de Schafpudel

De bijzondere eigenschappen van de Schafpudel zijn de enorme arbeidsijver, de aanhankelijkheid aan het kuddeleven, het plezier om te wandelen, zwerven en drijven, het bij elkaar houden en omcirkelen van, zich tot groepen gevormde, dieren van alle rassen.

Het wantrouwen tegen alles wat vreemd is, het streven om het vreemde van zijn het vreemde van zijn geliefden af te houden, de aanvalslust en de afkeer van roofzucht, de waakzaamheid, de levensvreugde en het inzicht, moed en begrip voor het plan van zijn baas, maken hem bijzonder waardevol in tijden waar de dagelijkse omstandigheden steeds veranderen, en een goed aanpassingsvermogen nodig zijn.

Zo is het opvallendste bij de Schafpudels zijn grote geesteskracht. Uitgerekend het bewustzijnsvermogen, voorstellingsvermogen en verstand zijn typerend voor het ras. Het zielenleven betoont zijn grenzenloze verantwoording, zijn plichtgevoel en zijn zin voor gerechtigheid.

Rasstandaard van de Schafpudel

Introductie:

De Schafpudel - ook Hütepudel ('waakpoedel') genoemd – zijn gebruikshonden met 'verward' haar en van middelhoge grootte (45–60 cm). Het vaakst zijn ze tegenwoordig nog in Oost-Duitsland te vinden, maar ze komen overal in Duitsland voor, zelfs in Nederland is er een fokker.

Het is a.h.w. de 'Duitse Schapendoes'.

Deze hond neemt in de groep Altdeutsche Hütehunde, op grond van het uiterlijk, een uitzonderingspositie in.

Karakteriserend is zijn lange ruige vacht met 'weelderige' ondervacht en de kleur is verscheiden: van zwart, blauw-grijs, grijs, licht tot wit. Sporadisch komen ook roodbruine honden met donker masker en donkere oren voor.

Normaliter hebben Schafpudel hangende oren, maar ook staande of tiporen komen voor.

De ledematen zijn lang en regelmatig gehoekt, waardoor ze een hoge aanvangssnelheid kunnen ontwikkelen. Ze zijn lichtvoetig, zonder veel energie te verbruiken.

Schafpudel zijn temperamentvolle, intelligente en vriendelijke honden met een onmiskenbare werkwilligheid.

De populatie van de echte, oorspronkelijke Schafpudels wordt op zo'n 150 honden geschat.



Grootte:
Reu : 56-60 cm.
Teef: 52-56 cm.


Gewicht: 16-25 kg, naar gelang de grootte.

Verzorging van de Schafpudel

Geen informatie over de Verzorging van de Schafpudel gevonden.
Heb jij ontbrekende informatie over de Verzorging van de Schafpudel ? Dan kun je dat toevoegen

Opvoeding van de Schafpudel

Geen informatie over de Opvoeding van de Schafpudel gevonden.
Heb jij ontbrekende informatie over de Opvoeding van de Schafpudel ? Dan kun je dat toevoegen

Overige informatie over de Schafpudel

De haarkleur van de Schafpudel mag vrij veel kleuren hebben; de toegestane kleuren zijn: wit, schimmel en roodvaal, maar ook bont en wit met platen zijn toegestaan.

De huidskleur van de Schafpudel moet donker zijn en de mond en neus het liefst zwart.

Bijzonder te vermelden zijn de meestal schimmelkleurige Schafpudels in Thüringen, de sneeuwwitte in Voorpommeren en de blonden in Westelijk Noord-Duitsland. Natuurlijk zijn er in al deze streken ook anderskleurige Schafpudels; toch zijn de genoemd kleurlingen daar het meest verbreidt en geliefd.

De bezitters houden hun eigen soort meestal 'rein' en fokken ze zo zuiver mogelijk verder. De verschillende kleuren hebben zich tot vandaag gehouden en zijn nog steeds bij de kudde te zien.

De kleurschakeringen moeten tegenwoordig onder elkaar ‘verpaart’ worden, omdat de fokkers maar een gering aantal goede fokhonden bezitten en ze zich niet meer kunnen permitteren om op kleur te selecteren.


De ‘moderne’ hond kan men als volgt beschrijven:

De stokmaat ligt tussen de 50 en 60 cm schouderhoogte en het lichaam mag maar iets langer zijn dan hoog. De rug is recht, soms richting het kruis licht opgaand. De borst is breed en diep, in de richting lendenenbereik duidelijk naar boven gericht. De benen zijn lang en diep gehoekt, de complete hond is zeer goed gespierd.

De vacht bestaat uit halflang 'weelderig' haar en het mag aan de snuit en benen wat korter zijn. De kop is breed, de bek is matig lang en sterk, de oren zijn breed aangezet. De typische ‘Stehohren' (een opstaand klapoortje) komen zelden voor. De staart is lang of halflang en goed behaard. De ogen zijn rond, en van kleur variabel.



Lichamelijk is de Schafpudel overwegend op de snelle aansprong ingesteld. De vorm van zijn bouw is een tamelijk regelmatige rechthoek, achter een beetje hoger; de doorsnee van het lichaam is langgerekt, de borst diep en ietwat breed, de buik is sterk opgetogen, en de benen zijn zo laag mogelijk gehoekt. De rug is in een mooie welving sterk gebogen, kop en hals worden in rustpositie in rughoogte gedragen.

De van de kin tot aan het puntje van de staart met lang krulhaar begroeide hond is tegen insecten volkomen zeker, koude en regen maken hem weinig zorgen en de kuif dient als bescherming tegen verblindend zonnelicht. Alleen de zomerse zon is een last voor de warmbloedige wolgepantserde hond. Een dicht en ver afstaand pelswerk is de beste bescherming tegen aanvallende vijanden, tegen het verscheurende bijten van wolven en de gifttand van slangen, ook tegen spitse dorens en snijdend scherpe grassoorten beschermt zijn wolpels.

Zo verklaar je het voordeel van het lange haar van de Schafpudel, dat ondanks de neiging tot vervilten, problemen met leembrokjes in de zomer en ijsvorming in de winter problemen kan voorkomen. Het is voor het de hond zelf een stuk veiliger met een lange vacht.

Meer weten over de Schafpudel ?

Heb je nog vragen over (fokkers van) de Schafpudel? Kijk dan in het hondenforum
> Zoek je een fokker ? Kijk dan eens op de fokker pagina
> Zoek je een nestje puppy's van de Affenpinscher? Kijk dan eens op de puppy pagina